Regeling vervallen per 01-04-2013

Verordening langdurigheidstoeslag 2009

Geldend van 01-01-2009 t/m 31-12-2011

De raad van de gemeente Venlo;

gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders

gelet op de artikelen 149 en 156 Gemeentewet, de artikelen 8 lid 1 onder d en 36 van de Wet werk en bijstand;

besluit

vast te stellen de verordening Langdurigheidstoeslag 2009

Artikel 1. Begrippen

  • 1.

    In deze verordening wordt verstaan onder:

  • 2.

    Alle begrippen die in deze verordening worden gebruikt en die niet nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de Wet werk en bijstand.

Artikel 2. Uitvoering

Deze verordening wordt bij of krachtens het college van burgemeester en wethouders uitgevoerd.

Hoofdstuk 2. Recht op langdurigheidstoeslag

Artikel 3. Langdurig, laag inkomen en geen uitzicht op inkomensverbetering

  • 1.

    Aan de in artikel 36, eerste lid, van de WWB gestelde voorwaarden van het hebben van een langdurig, laag inkomen en geen uitzicht op inkomensverbetering is voldaan als gedurende de referteperiode zoals genoemd in artikel 1 c het inkomen van de aanvrager niet uitkomt boven 102 procent van het sociale minimum.

  • 2.

    Niet voor de langdurigheidstoeslag komt in aanmerking de belanghebbende die gedurende de referteperiode en/of op de peildatum een opleiding volgt als bedoeld in de Wet Tegemoetkoming Onderwijsbijdrage en Schoolkosten (WTOS) dan wel een studie volgde als genoemd in de Wet Studiefinanciering (WSF 2000).

Artikel 4. Hoogte van de langdurigheidstoeslag

  • 1.

    De langdurigheidstoeslag bedraagt per jaar:

    • a.

      voor gehuwden € 500,00,

    • b.

      voor een alleenstaande ouder € 450,00 en

    • c.

      voor een alleenstaande € 350,00

  • 2.

    Voor de toepassing van het eerste lid is de situatie op de peildatum bepalend.

  • 3.

    Indien één van de gehuwden op de peildatum is uitgesloten van het recht op langdurigheidstoeslag ingevolge artikel 11 of artikel 13 lid 1 van de WWB komt de rechthebbende echtgenoot in aanmerking voor een langdurigheidstoeslag naar de hoogte die voor hem als alleenstaande of alleenstaande ouder zou gelden.

  • 4.

    De in het eerste lid genoemde bedragen worden elk jaar per 1 januari geïndexeerd op basis van het prijsindexcijfer van het Centraal Bureau voor de Statistiek en naar boven afgerond op 5 euro waarbij 2009 als basisjaar geldt.

Hoofdstuk 3. Slotbepalingen

Artikel 5. Onvoorziene gevallen

In gevallen waarin deze regeling niet voorziet, beslist het college.

Artikel 6. Citeertitel en inwerkingtreding

  • 1.

    Deze verordening kan worden aangehaald als: ‘de Verordening Langdurigheidstoeslag 2009’;

  • 2.

    De Verordening Langdurigheidstoeslag treedt in werking met ingang van 1 januari 2009.

Ondertekening

Aldus besloten in de openbare vergadering van 30 september 2009.

De griffier De voorzitter