Regeling vervallen per 01-01-2020

Regeling Vakantie en Verlof Gemeenschappelijke Regeling MijnGemeenteDichtbij

Geldend van 16-01-2017 t/m 31-12-2019 met terugwerkende kracht vanaf 01-01-2017

Intitulé

Regeling Vakantie en Verlof Gemeenschappelijke Regeling MijnGemeenteDichtbij

Het dagelijks bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling MijnGemeenteDichtbij;

gelet op artikel 160 Gemeentewet;

gelet op instemming van de Georganiseerd Overleg van 10 november 2016;

besluit vast te stellen de regeling Vakantie en Verlof Gemeenschappelijke Regeling MijnGemeenteDichtbij.

Artikel 1. Duur vakantieverlof

  • 1. Als aanvulling op artikel 6:2:1 van de CAR-UWO bedraagt de duur van het vakantieverlof van de medewerker 180 uren per kalenderjaar bij een volledige betrekking. Dit aantal uren bestaat voor 144 uren uit wettelijk verlof en voor 36 uren uit bovenwettelijk verlof en is inclusief 28,8 lokale vakantie-uren. Voor deeltijdwerkers geldt dit aantal uren naar rato.

  • 2. Als aanvulling op artikel 6:2:1 van de CAR-UWO wordt aan de medewerker die is ingeroosterd voor het verrichten van beschikbaarheidsdiensten 14,4 verlofuren toegevoegd aan het vakantierecht.

Artikel 2. Leeftijdsverlof

  • 1. De duur van het vakantieverlof wordt bij (het bereiken van) een bepaalde leeftijd bij een volledige betrekking verhoogd volgens de volgende tabel:

    Leeftijd

    Verhoging met

    18 jaar

    21,6 uren

    19 jaar

    14,4 uren

    20 jaar

    7,2 uren

    45 tot en met 49 jaar

    7,2 uren

    50 tot en met 54 jaar

    14,4 uren

    55 tot en met 59 jaar

    21,6 uren

    60 jaar en ouder

    28,8 uren

    Voor deeltijdwerkers geldt de verhoging in uren naar rato.

  • 2. De verhoging van het vakantieverlof gaat in met ingang van het kalenderjaar waarin de genoemde leeftijd wordt bereikt.

Artikel 3. Overgangsbepaling

  • 1. De medewerker die in het kalenderjaar 2015 bij één van de rechtsvoorgangers een hogere vakantieverlofaanspraak had dan de aanspraak op grond van deze regeling, blijft de vakantieverlofaanspraak houden op basis van de voormalige regeling.

  • 2. Op de bijlage bij deze regeling staan de regelingen van de rechtsvoorgangers vermeld.

Artikel 4. Aanvragen en verlenen vakantieverlof

  • 1. De medewerker stemt de vakantieaanvraag af in het team en met de leidinggevende.

  • 2. De vakantie wordt verleend door de leidinggevende op verzoek van de medewerker.

  • 3. Bij de toekenning worden in eerste instantie het organisatiebelang en vervolgens het belang van de medewerker gewogen.

  • 4. Het bestuur kan een medewerker verplichten het wettelijk aantal uren aan vakantie op te nemen.

  • 5. De medewerker is zelf verantwoordelijk voor het afboeken van het verlof in het digitale systeem.

Artikel 5. Vervaltermijnen verlof

  • 1. Het wettelijk verlof (144 uur) komt na 12 maanden na het einde van het betreffende kalenderjaar te vervallen.

  • 2. Het overige verlof wordt aangemerkt als bovenwettelijk verlof. Dit verlof komt 60 maanden na afloop van het betreffende kalenderjaar te vervallen.

Artikel 6. Kort verzuimverlof

Het bestuur verleent de medewerker kort verzuimverlof met behoud van salaris in de volgende situaties:

  • -

    Bij overlijden van echtgenoot of geregistreerd partner, ouders, pleegouders, stiefouders, schoonouders, kinderen, pleegkinderen, stief- en aangehuwde kinderen gedurende een aaneengesloten periode van vier werkdagen. Dit verlof wordt binnen zeven kalenderdagen opgenomen.

  • -

    Bij overlijden van bloed- of aanverwanten in de tweede graad gedurende één werkdag voor het bijwonen van de begrafenis. Als de medewerker belast is met het regelen van de begrafenis of (en) van de nalatenschap, dan wordt gedurende een periode van ten hoogste vier werkdagen verlof verleend. Dit verlof wordt binnen zeven kalenderdagen opgenomen.

Artikel 7. Calamiteitenverlof

  • 1. Bij onvoorziene omstandigheden (calamiteiten) wordt de medewerker in staat gesteld snel te kunnen handelen. Er is sprake van calamiteitenverlof bij situaties zoals een ziekenhuisopname van een huisgenoot, een partner die moet bevallen, een woninginbraak of het voldoen aan een wettelijke verplichting (bijv. aangifte doen van een geboorte).

  • 2. Calamiteitenverlof kan worden verleend door de leidinggevende.

  • 3. Het calamiteitenverlof duurt niet langer dan de calamiteit, doch maximaal 1 dag.

  • 4. Zodra de calamiteit voorbij is, eindigt het betaald verlof.

Artikel 8. Onvoorziene omstandigheden

  • 1. Het bestuur kan afwijken van deze regeling, indien onvoorziene omstandigheden daartoe aanleiding geven.

  • 2. Het toepassen van bijzondere omstandigheden wordt gemeld aan de ondernemingsraad.

Ondertekening

Deze regeling wordt aangehaald als "Regeling Vakantie en Verlof GR MijnGemeenteDichtbij" en treedt in werking op 1 januari 2017. De regeling bevat aanvullende bepalingen op hoofdstuk 6 van de CAR-UWO.
Aldus vastgesteld in de vergadering van het dagelijks bestuur Gemeenschappelijke Regeling MijnGemeenteDichtbij van 6 december 2016,
het dagelijks bestuur,
de voorzitter,
M. Buijs
de secretaris,
mr. J.A.F.M. Vorstenbosch

Bijlage naar aanleiding van artikel 3

  • 1.

    De medewerker die in het kalenderjaar 2015 of 2016 bij één van de rechtsvoorgangers een hogere vakantieverlofaanspraak had dan de aanspraak op grond van deze regeling, blijft de vakantieverlofaanspraak houden op basis van de voormalige regeling. Voor deze medewerkers blijven dus de ‘oude’ aanspraken op leeftijdsverlof en/of diensttijdverlof gelden.

  • 2.

    De financiële waarde van 14,4 uur bovenwettelijk verlof komt in het IKB terecht, daardoor wordt het basis verlof verlaagd met 14,4 uur. Hieronder staan de verlofaanspraken van de rechtsvoorgangers en MijnGemeenteDichtbij schematisch weergegeven:

Gemeente Boxtel

Gemeente Sint-Michielsgestel

Optimisd

Gemeente Haaren

Gemeente Sint-Oedenrode

MijnGemeenteDichtbij

Wettelijk verlof uren

144

144

144

144

144

144

Bovenwettelijk verlof

21,6

21,6

21,6

21,6

21,6

7,2*

Totaal

165,6

165,6

165,6

165,6

165,6

151,2

Lokale vrije dagen

28,8

28,8

28,8

28,8

28,8

28,8

194,4

194,4

194,4

194,4

194,4

180

 Leeftijdsverlof

18 of jonger

21,6

21,6

0

21,6

21,6

21,6

19

14,4

14,4

0

14,4

14,4

14,4

20

7,2

0

0

7,2

7,2

7,2

30-34 jaar

0

7,2

7,2

7,2

0

0

35-39 jaar

14,4

14,4

14,4

7,2

0

0

40-44 jaar

14,4

14,4

14,4

14,4

0

0

45-49 jaar

28,8

28,8

28,8

21,6

14,4

7,2

50-54 jaar

28,8

28,8

28,8

28,8

14,4

14,4

55-60 jaar

43,2

43,2

43,2

36

28,8

21,6

> 60 jaar

43,2

43,2

43,2

43,2

28,8

28,8

Diensttijdverlof

15-24 dienstjaren

14,4

14,4

Afgeschaft

0

Afgeschaft

25-34 dienstjaren

28,8

28,8

Afgeschaft

14,4

Afgeschaft

Vanaf 35 dienstjaren

43,2

43,2

Afgeschaft

28,8

Afgeschaft

*14,4 uur bovenwettelijk verlof komt als financiële waarde in het IKB terecht, daardoor wordt het basis verlofrecht lager.