Regeling vervallen per 15-04-2021

Aanvullende klachtenregeling gemeente Bloemendaal

Geldend van 15-10-1999 t/m 14-04-2021

Intitulé

Aanvullende klachtenregeling gemeente Bloemendaal

De raad van de gemeente Bloemendaal;

gelet op hoofdstuk 9 van de Algemene wet bestuursrecht, inhoudende een regeling over de behandeling van klachten over bestuursorganen en personen, werkzaam onder de verantwoordelijkheid van een bestuursorgaan;

gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 21 september 1999;

constaterend dat de op 21 januari 1999 vastgestelde klachtenregeling gemeente Bloemendaal per 1 juli 1999 van rechtswege is vervallen;

b e s l u i t:

Artikel 1

  • 1. Indien de aanklager dat wenst , wordt hem door een ambtenaar aangewezen door de gemeentesecretaris, hulp verleend bij het op schrift zetten van de klacht.

  • 2. Van elke schriftelijke klacht gaat een afschrift naar de gemeentesecretaris.

Artikel 2

  • 1. Een klacht over een ambtenaar of arbeidscontract wordt in eerste instantie behandeld door het betrokken sectorhoofd, tenzij deze zelf onderwerp van de klacht is, in welk geval de gemeentesecretaris de klacht behandelt. In dit laatste geval wordt in de volgende leden, alsmede in de artikelen 3 en 4 voor “het sectorhoofd” gelezen “de gemeentesecretaris”, zulks voor zover toepasselijk.

  • 2. Het sectorhoofd beoordeelt de klacht in overleg met de betrokken coördinator, tenzij deze laatste zelf onderwerp van de klacht is, in welk geval het sectorhoofd overleg pleegt met de gemeentesecretaris.

  • 3. Indien het sectorhoofd van oordeel is dat de klacht te belangrijk is om zelf af te handelen, dan wel consequenties kan hebben voor de andere sectoren, brengt hij de klacht ter bespreking in tijdens de eerstvolgende vergadering van het Managementteam en levert daarvoor tijdig stukken aan.

Artikel 3

  • 1. Indien op grond van artikel 9:8 Algemene wet bestuursrecht geen behandeling plaatsvindt, deelt het betrokken sectorhoofd dit binnen 14 dagen na ontvangst van de klacht aan de klager mede, onder vermelding van de redenen.

  • 2. Bij de in het vorige lid bedoelde mededeling verwijst het sectorhoofd zoveel mogelijk door naar rechterlijke of beroepsinstanties, dan wel naar instellingen voor maatschappelijke hulpverlening of andere daarvoor in aanmerking komende instanties.

Artikel 4

  • 1. Het sectorhoofd onderzoekt, indien artikel 3 niet van toepassing is, de klacht en hoort de klager en de betrokken ambtenaar. Beiden kunnen zich desgewenst laten bijstaan door een raadsman.

  • 2. Indien artikel 3 niet en artikel 2, lid 3, welvan toepassing is, onderzoekt de gemeentesecretaris of een door hem aangewezen ambtenaar, de klacht en hoort de klager en de betrokken ambtenaar. Beiden kunnen zich desgewenst laten bijstaan door een raadsman.

  • 3. Binnen 30 dagen na ontvangst bij de gemeente wordt de klacht schriftelijk beantwoord, ingeval lid 1 van toepassing is door het sectorhoofd - zulks na overleg en in overeenstemming met de gemeentesecretaris – en ingeval van lid 2 van toepassing is door de gemeentesecretaris. In het laatste geval ontvangt het sectorhoofd een afschrift.

  • 4. Indien in uitzonderlijke gevallen de beantwoording van de klacht niet binnen 30 dagen kan plaatsvinden, wordt de klager daarvan schriftelijk en onder vermelding van redenen in kennis gesteld.

Artikel 5

  • 1. Indien een klacht betrekking heeft op een gedraging van een bestuursorgaan zijn de artikelen 1, 3 en 7 van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat voor “ het betrokken sectorhoofd” of “het sectorhoofd” wordt gelezen: “de burgemeester” of als de klacht een gedraging van de burgemeester betreft: “de loco-burgemeester”.

  • 2. Artikel 4, leden 1 en 4, is in dit soort gevallen van toepassing, met dien verstande dat voor “het sectorhoofd” wordt gelezen “de burgemeester” en voor “de betrokken ambtenaar”: (een vertegenwoordiger van) “het betrokken bestuursorgaan”. Indien de klacht een gedraging van de burgemeester betreft, wordt voor “het sectorhoofd” gelezen “ de loco-burgemeester”.

  • 3. Binnen 30 dagen na ontvangst bij de gemeente wordt de klacht als hier bedoeld schriftelijk door het college van burgemeester en wethouders beantwoord.

Artikel 6

  • 1. Indien de klager het niet eens is met het antwoord als bedoeld in artikel 4, lid 3, of niet tevreden is over de wijze waarop zijn klacht is afgehandeld, kan hij binnen 30 dagen na verzending van de beantwoording een schriftelijke klacht indienen bij burgemeester en wethouders.

  • 2. Burgemeester en wethouders wijzen een collegelid aan dat samen met de gemeentesecretaris de klacht onderzoekt en de klager en de betrokken ambtenaar hoort. Beiden kunnen zich desge-wenst laten bijstaan door een raadsman.

  • 3. Burgemeester en wethouders delen hun beslissing, gehoord het in lid 2 bedoelde collegelid en de gemeentesecretaris, binnen 30 dagen na ontvangst van de in lid 1 bedoelde klacht schriftelijk mee aan de klager.

Artikel 7

  • 1. In alle gevallen waarin deze regeling niet voorziet, beslist het college van burgemeester en wethouders, met inachtneming van de Algemene wet bestuursrecht.

  • 2. Deze verordening kan worden aangehaald als “Aanvullende klachtenregeling gemeente Bloemendaal”.

    Aldus vastgesteld in de openbare vergadering

    van de raad der gemeente Bloemendaal,

    gehouden op 30 september 1999.

    w.g. L.A. Snoeck-Schuller , voorzitter

    w.g. A.Ph. van der Wees , secretaris.