Klachtenregeling ongewenst gedrag

Geldend van 30-01-2015 t/m heden

Intitulé

Klachtenregeling ongewenst gedrag

Klachten ongewenst gedrag

Regeling klachten ongewenst gedrag

Inhoudsopgave

  • Begripsbepalingen

  • Artikel 1 Taakstelling en samenstelling van de commissie

  • Artikel 2 Secretaris en administratie

  • Artikel 3 Indienen van een klacht bij Veiligheidsregio Groningen

  • Artikel 4 Indienen klacht bij de commissie

  • Artikel 5 In behandeling nemen van de klacht

  • Artikel 6 Onderzoek naar de klacht

  • Artikel 7 Horen

  • Artikel 8 Omgang met persoonsgegevens

  • Artikel 9 Advies over de klacht

  • Artikel 10 Afdoening van de klacht

  • Artikel 11 Klachten betreffende het functioneren van de commissie

  • Artikel 12 Jaarverslag

  • Artikel 13 Inwerkingtreding

Begripsbepalingen

Voor de toepassing van deze regeling wordt verstaan onder:

  • a

    werkgever:Het bestuur van Veiligheidsregio Groningen, dan wel een daartoe gemandateerd orgaan dat bevoegd is tot afdoening van een klacht met betrekking tot ongewenst gedrag.

  • b

    medewerker:De (gewezen) medewerker in de zin van artikel 1:1 lid 1 sub a van de Arbeidsvoorwaardenregeling Veiligheidsregio Groningen, alsmede uitzendkrachten, detacheringskrachten, stagiaires en personen die anderszins (betaald of onbetaald) in dienst van de Veiligheidsregio Groningen werkzaamheden verrichten.

  • c

    commissie:De Landelijke Klachtencommissie Ongewenst Gedrag voor de decentrale overheid.

  • d

    ongewenst gedrag:Gedrag dat valt binnen de begrippen discriminatie, (seksuele) intimidatie zoals verwoord in artikel 1, 1 a en 2 van de Algemene wet gelijke behandeling, pesterij, agressie en geweld zoals bedoeld in de Arbowet artikel 3 lid 2 jo. artikel 1 lid 3 sub e en f.

  • e

    klacht:Een door de klachtindiener ondertekend en van naam- en adresgegevens voorzien geschrift waarin het jegens hem ongewenste gedrag waarop de klacht betrekking heeft is omschreven, behoudens een klacht op grond van artikel 11.

  • f

    klachtindiener:Een persoon die werkzaam is of werkzaam is geweest bij Veiligheidsregio Groningen en een klacht over ongewenst gedrag indient.

  • g

    beklaagde:Een persoon die werkzaam is of werkzaam is geweest bij Veiligheidsregio Groningen en over wiens gedrag geklaagd wordt.

  • h

    informant:Degene die namens Veiligheidsregio Groningen informatie verstrekt aan de commissie.

  • i

    getuigen:Andere dan onder g en h genoemde personen die door de commissie worden verzocht informatie te verstrekken.

Artikel 1 Taakstelling en samenstelling van de commissie

Lid 1

De commissie heeft tot taak een klacht te onderzoeken en daarover advies uit te brengen aan de werkgever.

Lid 2

Uit de commissie worden door de voorzitter van de commissie drie leden aangewezen om een klacht te onderzoeken, waaronder een (plaatsvervangend) voorzitter.

Lid 3

Deze leden beslissen bij gewone meerderheid van stemmen over het uit te brengen advies.

Lid 4

Een lid wordt vervangen als deze direct of indirect betrokken is geweest bij enige vorm van ongewenst gedrag waarover de klacht is ingediend dan wel een persoonlijk belang heeft bij de afhandeling van de klacht.

Lid 5

Benoeming, schorsing en ontslag van de voorzitter, overige leden en hun plaatsvervangers geschiedt door de voorzitter van het college voor Arbeidszaken van de Vereniging Nederlandse Gemeenten.

Lid 6

De voorzitter, overige leden en hun plaatsvervangers worden benoemd voor een periode van zes jaar.

Lid 7

De commissie kan een nadere werkwijze bepalen.

Artikel 2 Secretaris en administratie

Lid 1

De directeur van Veiligheidsregio Groningen wijst na overleg met de voorzitter van de commissie en secretaris en een of meer plaatsvervangend secretarissen aan.

Lid 2

De administratie ten behoeve van de commissie wordt gevoerd door het secretariaat van de directeur van Veiligheidsregio Groningen.

Lid 3

De secretaris mag niet uit hoofde van de werkzaamheden ten behoeve van deze regeling benadeeld dan wel bevoordeeld worden in de positie in de organisatie of elders. De directeur zorgt ervoor dat deze norm wordt nageleefd.

Artikel 3 Indienen van een klacht bij Veiligheidsregio Groningen

Lid 1

De medewerker heeft de mogelijkheid om zich eerst tot zijn leidinggevende te wenden met zijn klacht. De leidinggevende zal dan als bemiddelaar optreden tussen de medewerker en de beklaagde.

Lid 2

Heeft de medewerker reden om zich niet tot zijn leidinggevende te wenden, of slaagt de bemiddelingspoging van de leidinggevende niet, dan kan hij zich wenden tot de vertrouwenspersoon van Veiligheidsregio Groningen, zoals bedoeld in de Regeling vertrouwenspersoon.

Lid 3

Aan medewerkers wordt verzocht zich in eerste instantie te wenden tot de vertrouwenspersoon, indien er mogelijk sprake is van ongewenst gedrag, om:

  • a

    Te voorkomen dat een klacht wordt ingediend bij de klachtencommissie, die niet door deze commissie in behandeling kan worden genomen. De reden kan zijn dat er sprake is van een klacht die door een andere instantie in behandeling moet worden genomen.

  • b

    Te voorkomen dat er klachten worden ingediend, die intern ook opgelost hadden kunnen worden door inschakeling van de vertrouwenspersoon.

Artikel 4 Indienen klacht bij de commissie

Lid 1

Iedere medewerker heeft het recht om zich (eventueel ondersteund door de vertrouwenspersoon) met een klacht direct tot de commissie te wenden.

Lid 2

De klachtindiener vermeldt in de klacht zo mogelijk de datum, tijd, plaats van het ongewenst gedrag, de omstandigheden, de namen van beklaagde en eventuele getuigen, alsmede de stappen die hij reeds heeft ondernomen.

Lid 3

Indien de klachtindiener de klacht ten behoeve van de klachtencommissie indient bij Veiligheidsregio Groningen, bevestigt Veiligheidsregio Groningen de ontvangst van de klacht aan de klachtindiener en vermeldt daarbij dat de klacht zal worden doorgezonden naar de commissie die Veiligheidsregio Groningen over de afhandeling van de klacht zal adviseren. Veiligheidsregio Groningen zendt de klacht, nadat daarop de datum van ontvangst is aangetekend, zo spoedig mogelijk door aan de commissie.

Lid 4

De commissie bevestigt de ontvangst van de klacht aan de klachtindiener en stelt hem op de hoogte van de termijnen en de wijze van afdoening van de klacht. Tevens informeert de commissie Veiligheidsregio Groningen binnen twee weken dat een klacht is ontvangen.

Lid 5

Indien de klacht rechtstreeks bij de commissie is ingediend bevat de melding Veiligheidsregio Groningen geen persoonsgegevens van klachtindiener, beklaagde of getuigen.

Artikel 5 In behandeling nemen van de klacht

Lid 1

Veiligheidsregio Groningen verstrekt aan de klachtencommissie op verzoek alle op de klacht betrekking hebbende gegevens, waaronder de contact- en functiegegevens van klachtindiener en beklaagde en een overzicht van de reeds geproduceerde stukken met betrekking tot de klacht.

Lid 2

De commissie neemt een klacht niet in behandeling indien verplichte stappen uit deze klachtenprocedure van de betreffende aangesloten organisatie niet zijn doorlopen.

Lid 3

De commissie verklaart de klacht niet ontvankelijk indien deze niet valt binnen de begripsbepalingen onder d, e, f, g en h van deze regeling.

Lid 4

Ingeval lid 2 van dit artikel van toepassing is brengt de commissie klachtindiener- en in geval lid 3 van toepassing is klachtindiener en Veiligheidsregio Groningen binnen twee weken na ontvangst van de klacht schriftelijk op de hoogte van het niet in behandeling nemen (lid 2) of de niet ontvankelijkheid (lid 3) van de klacht.

Lid 5

De commissie kan de klacht voorts niet in behandeling nemen indien:

  • a

    de klacht niet binnen een redelijke termijn nadat het ongewenste gedrag heeft plaatsgevonden aan de commissie is voorgelegd;

  • b

    er sprake is van een uitzondering als bedoeld in artikel 9:8 lid 1 en 2 Awb;

  • c

    wanneer niet in voldoende mate voldaan is aan het bepaalde in artikel 4 lid 2.

Artikel 6 Onderzoek naar de klacht

Lid 1

Indien de commissie dit voor de uitoefening van haar taak noodzakelijk acht stelt zij een onderzoek in.

Lid 2

Ten behoeve van het onderzoek is de commissie bevoegd bij Veiligheidsregio Groningen alle inlichtingen in te winnen die zij voor de vorming van haar advies nodig acht.

Lid 3

Veiligheidsregio Groningen verschaft de commissie de gevraagde inlichtingen en stelt de commissie desgevraagd in de gelegenheid de werkomgeving te aanschouwen.

Lid 4

Veiligheidsregio Groningen stelt personen werkzaam binnen de aangesloten organisatie in de gelegenheid te worden gehoord.

Lid 5

Personen als bedoeld in lid 3 die door de commissie worden opgeroepen, zijn verplicht te verschijnen.

Lid 6

De commissie kan Veiligheidsregio Groningen adviseren tussentijdse maatregelen te nemen indien en voor zover dit in het belang is van het onderzoek of van de positie van de in het onderzoek betrokken personen.

Lid 7

De commissie kan op verzoek van klachtindiener en op door klachtindiener te motiveren gronden de behandeling van de klacht voor een periode van ten hoogste twee maanden opschorten.

Artikel 7 Horen

Lid 1

Alvorens een advies uit te brengen stelt de commissie de klachtindiener, de beklaagde en zo nodig de informant en getuigen in de gelegenheid om te worden gehoord. De commissie kan het horen opdragen aan de voorzitter of een ander lid van de commissie of aan beiden.

Lid 2

Van het horen kan worden afgezien indien de klacht kennelijk ongegrond is of indien de klachtindiener heeft aangegeven geen gebruik te willen maken van het recht te worden gehoord.

Lid 3

De zittingen van de commissie zijn niet openbaar.

Lid 4

Van het horen wordt een verslag gemaakt.

Lid 5

De zittingen vinden zoveel mogelijk plaats op een voor partijen goed bereikbare locatie die voldoende rust en discretie biedt aan alle betrokkenen.

Lid 6

De commissie zendt tijdig voorafgaand aan de hoorzitting aan de beklaagde - en voor zover nodig aan klachtindiener en informant - een afschrift van de klacht en van andere stukken die op de klacht betrekking hebben.

Lid 7

De commissie hoort de klachtindiener, de beklaagde en de getuigen in beginsel buiten elkaars aanwezigheid. De commissie stelt klachtindiener en beklaagde in de gelegenheid van elkaars zienswijzen, alsmede van de inhoud van de hoorgesprekken met de informant en/of de getuigen kennis te nemen en daarop te reageren.

Lid 8

De klachtindiener en beklaagde kunnen zich op eigen kosten ter zitting laten bijstaan door een (raads)persoon.

Lid 9

De commissie is bevoegd om getuigen, andere betrokkenen en deskundigen schriftelijk of mondeling te raadplegen.

Artikel 8 Omgang met persoonsgegevens

Lid 1

De commissie verzamelt en verwerkt uitsluitend persoonsgegevens die noodzakelijk zijn voor het uitbrengen van een advies. Bij de verwerking van persoonsgegevens zorgt de commissie voor beveiliging van de gegevens tegen verlies en onrechtmatige verwerking.

Lid 2

Voor de commissie alsmede de secretaris geldt de plicht tot geheimhouding van persoonsgegevens voor zover overdracht van informatie niet noodzakelijk is voor de uitoefening van de taak van de commissie. Wanneer de inhoud van bepaalde informatie uitsluitend ter kennisneming door de commissie dient te blijven wordt dit aan de commissie meegedeeld.

Lid 3

Alle, vanuit Veiligheidsregio Groningen, betrokken personen zijn verplicht tot geheimhouding. De commissie wijst personen die worden gehoord of geraadpleegd op de vertrouwelijkheid van hetgeen ter zitting aan de orde komt.

Artikel 9 Advies over de klacht

Lid 1

De commissie brengt binnen acht weken na ontvangst van de klacht door de commissie advies uit aan de directeur van Veiligheidsregio Groningen over de gegrondheid van de klacht vergezeld van een rapport van bevindingen. Het rapport bevat een verslag van het horen. Een afschrift van het advies wordt aan klachtindiener en beklaagde toegezonden.

Lid 2

De commissie kan Veiligheidsregio Groningen verzoeken de in eerste lid genoemde termijn met 4 weken te verdagen.

Lid 3

Met schriftelijke instemming van de klachtindiener kan de commissie de werkgever op basis van artikel 9:11 lid 3 Algemene wet bestuursrecht verzoeken om verder uitstel.

Lid 4

In het advies kunnen aanbevelingen worden gedaan over door Veiligheidsregio Groningen te nemen maatregelen.

Artikel 10 Afdoening van de klacht

Lid 1

De werkgever handelt de klacht binnen tien weken na ontvangst van het klaagschrift af.

Lid 2

De werkgever kan op verzoek van de commissie de afdoening voor ten hoogste vier weken verdagen. Van de verdaging wordt schriftelijk mededeling gedaan aan klachtindiener en beklaagde.

Lid 3

Onverminderd het bepaalde in artikel 9 lid 2 en 3, stelt Veiligheidsregio Groningen binnen twee weken na ontvangst van het advies van de commissie bedoeld in artikel 9 lid 1, klachtindiener en beklaagde schriftelijk en gemotiveerd in kennis van zijn besluit alsmede de conclusies die het daaraan verbindt.

Lid 4

De werkgever zendt een afschrift van het ter afdoening van de klacht genomen besluit naar de commissie.

Artikel 11 Klachten betreffende het functioneren van de commissie

Lid 1

Ingeval een klachtindiener of de werkgever een klacht heeft over enig handelen of nalaten van de commissie betreffende de uitvoering van haar taak, wordt deze klacht behandeld door tenminste twee leden uit de commissie die niet aan het betreffende onderzoek hebben deelgenomen.

Lid 2

Voornoemde leden doen binnen vier weken na ontvangst van de klacht, bedoeld in lid 1 uitspraak over de (on)gegrondheid daarvan.

Artikel 12 Jaarverslag

Lid 1

Jaarlijks wordt een verslag opgesteld door de commissie.

Lid 2

In dat verslag worden in geanonimiseerde zin en met in achtneming van de ter zake geldende wettelijke bepalingen vermeld:

  • a

    het aantal klachten dat de commissie heeft ontvangen;

  • b

    het aantal niet-ontvankelijk, (gedeeltelijk) gegrond en ongegrond geachte klachten;

  • c

    de aard van de klachten;

  • d

    statistische gegevens over klachtindieners en beklaagden;

  • e

    de doorlooptijd van de adviezen;

  • f

    aanbevelingen en tendensen.

Lid 3

Het verslag wordt gepubliceerd op de website van de VNG.

Artikel 13 Inwerkingtreding

De ‘regeling klachten ongewenst gedrag Veiligheidsregio Groningen’ treedt in werking op ….