Permanente link
Naar de actuele versie van de regeling
http://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR356781
Naar de door u bekeken versie
http://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR356781/1
Regeling vervallen per 01-01-2016
Beleidsregels compensatie alleenstaande ouderkop 2015 gemeente Bergen
Geldend van 05-02-2015 t/m 31-12-2015 met terugwerkende kracht vanaf 01-01-2015
Intitulé
Beleidsregels compensatie alleenstaande ouderkop 2015 gemeente BergenHet college van burgemeester en wethouders van de gemeente Bergen,
overwegende dat het wenselijk is regels te stellen over het beleid ten aanzien van de compensatie van personen die vanaf 1 januari 2015 niet in aanmerking komen voor de alleenstaande ouderkop:
Gelet op de artikelen 22a en 35 van de Participatiewet;
b e s l u i t :
vast te stellen de volgende Beleidsregels compensatie alleenstaande ouderkop 2015 gemeente Bergen.
Artikel 1. Begripsbepalingen
Deze beleidsregels verstaan onder:
- a.
het college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Bergen;
- b.
alleenstaande ouderkop: de aanspraak op een verhoging van het kindgebonden budget als
bedoeld in artikel 2 van de Wet op het kindgebonden budget;
c.AWIR: Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen;
Voor de overige begrippen wordt aangesloten bij de begrippen zoals die gelden in de Participatiewet, de Algemene wet bestuursrecht en de Gemeentewet.
Artikel 2. Voorliggende voorziening
In het kader van deze beleidsregels wordt de alleenstaande ouderkop, als onderdeel van het kindgebonden budget van de Belastingdienst, aangemerkt als voorliggende voorziening als bedoeld in artikel 15 van de Participatiewet.
Artikel 3. Rechthebbende
Rechthebbende is de alleenstaande ouder van 18 jaar of ouder die niet in aanmerking komt voor de alleenstaande ouderkop omdat hij een partner heeft als bedoeld in artikel 3 eerste lid van de AWIR.
Artikel 4. Draagkracht
-
1. Bij het vaststellen van de hoogte van het inkomen en vermogen wordt hetgeen is bepaald in
paragraaf 3.4 van de Participatiewet in acht genomen.
-
2. De kostendelersnorm als bedoeld in artikel 22a van de Participatiewet is van toepassing op
deze beleidsregels.
-
3. Het inkomen voor zover dit meer bedraagt dan de toepasselijke bijstandsnorm wordt volledig tot
de draagkracht gerekend.
Artikel 5. Hoogte bijstand
Op aanvraag wordt aan een rechthebbende per kalendermaand een aanvulling verstrekt van maximaal 20% van de gehuwdennorm als bedoeld in artikel 21 sub b van de Participatiewet, exclusief vakantietoeslag
Artikel 6. Inwerkingtreding
De beleidsregels treden in werking met ingang van de dag na bekendmaking en werken terug tot en met 1 januari 2015.
Artikel 7. Citeertitel
Deze beleidsregels worden aangehaald als: “Beleidsregels compensatie alleenstaande ouderkop 2015 gemeente Bergen “.
Nota-toelichting Algemene toelichting
Algemene toelichting
Vanaf 1 januari 2015 is de uitkering voor een alleenstaande ouder gelijk aan die van een alleenstaande. Maar een alleenstaande ouder kan in aanmerking komen voor een hoger kindgebonden budget van de Belastingdienst. De alleenstaande ouder krijgt bij het budget een zogenoemde alleenstaande ouderkop.
De Belastingdienst gebruikt een andere definitie van het begrip “partner” dan de gemeente. Het is daarom mogelijk dat iemand voor de gemeente alleenstaande ouder is, maar voor de Belastingdienst niet. Dat kan het geval zijn als de partner in een verpleeginrichting woont, in het buitenland verblijft of in detentie is. Diegene komt dan niet in aanmerking voor de alleenstaande ouderkop.
Dit geldt ook voor de alleenstaande ouder die naast een minderjarig inwonend kind ook nog een kind heeft inwonen dat ouder is dan 27 jaar. De Belastingdienst beschouwt dat kind als “toeslagpartner” voor o.a. het kindgebonden budget. Ook die krijgt de alleenstaande ouderkop niet. Deze alleenstaande ouders krijgen tot 1 januari 2016 de aanvulling van 20% van de gehuwdennorm als bedoeld in artikel 21 sub b van de Participatiewet, exclusief vakantietoeslag .
Voor alleenstaande ouders die op 31 december 2014 een bijstandsuitkering hebben is er een overgangsregeling. Betrokkenen die na 1 januari 2015 een bijstandsuitkering aanvragen en verkrijgen hebben tot 1 januari 2016 recht op een aanvulling van 20% op de bijstandsuitkering.
Daarna vervalt de aanvulling. Het ministerie van SZW en de gemeenten zoeken nog naar een oplossing voor de periode na 31 december 2015.
Deze beleidsregels voorzien in een compensatie voor die alleenstaande ouders die per 1 januari 2015 niet in aanmerking komen voor de alleenstaande ouderkop van de Belastingdienst.
Artikelgewijze toelichting (voor zover noodzakelijk)
Artikel 2. Voorliggende voorziening
In dit artikel is bepaald dat de alleenstaande ouderkop als onderdeel van het kindgebonden budget van de Belastingdienst, wordt aangemerkt als voorliggende voorziening. De alleenstaande ouderkop van de Belastingdienst is lager dan de aanvulling van 20% van de gehuwdennorm exclusief vakantietoeslag. De alleenstaande ouderkop wordt niet aangevuld met dit verschil.
Dus personen die een alleenstaande ouderkop ontvangen van de Belastingdienst, ontvangen geen aanvulling van de gemeente.
Artikel 4. Draagkracht
In lid 3 wordt met de toepasselijke bijstandsnorm bedoeld de norm voor belanghebbende die de uitkomst is van de norm als bedoeld in paragraaf 3.2 van de Participatiewet na eventuele toepassing van de kostendelersnorm als bedoeld in artikel 22a van de Participatiewet.
Ziet u een fout in deze regeling?
Bent u van mening dat de inhoud niet juist is? Neem dan contact op met de organisatie die de regelgeving heeft gepubliceerd. Deze organisatie is namelijk zelf verantwoordelijk voor de inhoud van de regelgeving. De naam van de organisatie ziet u bovenaan de regelgeving. De contactgegevens van de organisatie kunt u hier opzoeken: organisaties.overheid.nl.
Werkt de website of een link niet goed? Stuur dan een e-mail naar regelgeving@overheid.nl