Verordening op de heffing en de invordering van lijkbezorgingsrechten 2015

Geldend van 14-11-2014 t/m 31-12-2015

Intitulé

Verordening op de heffing en de invordering van lijkbezorgingsrechten 2015

De raad van de gemeente Eemsmond;

Gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 23 oktober 2014;

Gelet op artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdelen a en b van de Gemeentewet;

b e s l u i t :

de Verordening op de heffing en de invordering van lijkbezorgingsrechten 2015 (Verordening lijkbezorgingsrechten 20 15) vast te stellen.

Artikel 1 Begripsomschrijvingen

Deze verordening verstaat onder:

  • a.

    begraafplaats: de gemeentelijke begraafplaatsen;

  • b.

    graf: een zandgraf of een keldergraf;

  • c.

    grafkelder: een betonnen of gemetselde constructie waarin een of meerdere lijken worden begraven of asbussen worden bijgezet; grafkelders kunnen onderdeel zijn van een bovengrondse muur of wand;

  • d.

    asbus: een bus ter berging van as van een overledene;

  • e.

    urn: een voorwerp ter berging van een of meerdere asbussen;

  • f.

    eigen graf: een graf, grafkelder daaronder begrepen, waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon voor bepaalde tijd het uitsluitend recht is verleend tot:

    • -

      tot het doen begraven en het begraven houden van lijken;

    • -

      het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen;

    • -

      het doen verstrooien van as;

  • g.

    algemeen graf: een graf bij de gemeente in beheer waarin gelegenheid wordt geboden tot het doen begraven van lijken;

  • h.

    eigen kindergraf: graf waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot het begraven van overleden kinderen jonger dan een jaar of levenloos geboren kinderen, alsmede overleden kinderen van één tot twaalf jaar;

  • i.

    (eigen) urnengraf: een graf, grafkelder daaronder begrepen, waarvoor voor bepaalde tijd het uitsluitend recht is verleend tot het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen;

  • j.

    (eigen) urennis: een nis waarvoor het uitsluitend recht is verleend tot het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen;

  • k.

    verstrooiingsplaats: een plaats waar as kan worden verstrooid.

  • l.

    grafbedekking: gedenkteken of grafbeplanting op een graf, gedenkplaats of verstrooiingsplaats.

Artikel 2 Belastbaar feit

Op basis van deze verordening worden rechten geheven voor het gebruik van de begraafplaats en voor het door de gemeente verlenen van diensten in verband met de begraafplaats.

Artikel 3 Belastingplicht

De rechten worden geheven van degene op wiens aanvraag dan wel ten behoeve van wie de dienst wordt verricht of van degene die van de bezittingen, werken of inrichtingen gebruikmaakt.

Artikel 4 Maatstaf van heffing en belastingtarief

  • 1. De rechten worden geheven naar de maatstaven en de tarieven, opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel.

  • 2. Voor de berekening van de rechten wordt een gedeelte van een in de tarieventabel genoemde eenheid als een volle eenheid aangemerkt.

Artikel 5 Belastingjaar

  • 1. Met betrekking tot de rechten die per jaar worden geheven, is het belastingjaar gelijk aan het kalenderjaar.

  • 2. Met betrekking tot de rechten genoemd in artikel 5.3 van de tarieventabel is het belastingtijdvak gelijk aan de periode waarvoor wordt afgekocht.

Artikel 6 Wijze van heffing

De rechten worden geheven door middel van een gedagtekende schriftelijke kennisgeving waarop het gevorderde bedrag is vermeld, waaronder mede wordt begrepen een nota of andere schriftuur. Het gevorderde bedrag wordt door toezending of uitreiking van de schriftelijke kennisgeving aan de belastingschuldige bekendgemaakt.

Artikel 7 Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang voor de jaarlijks verschuldigde rechten

  • 1. De schoonhoudsrechten als bedoeld in de artikelen 5.2 en 5.3 van de tarieventabel zijn verschuldigd bij de aanvang van het belastingtijdvak of, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht.

  • 2. Indien de belastingplicht in de loop van het belastingtijdvak aanvangt, zijn de rechten bedoeld in artikel 5.2 van de tarieventabel verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde rechten als er in dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven.

  • 3. Indien de belastingplicht in de loop van het belastingtijdvak eindigt, bestaat aanspraak op ontheffing voor de rechten bedoeld in artikel 5.2 van de tarieventabel voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde rechten als er in dat jaar, na het einde van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven.

Artikel 8 Ontstaan van de belastingschuld voor de overige rechten

Andere rechten dan die bedoeld in de artikelen 5.2 en 5.3 van de tarieventabel zijn verschuldigd bij de aanvang van de dienstverlening of bij de aanvang van het gebruik van de bezittingen, werken of inrichtingen.

Artikel 9 Termijnen van betaling

De rechten moeten worden betaald binnen dertig dagen na de dagtekening van het aanslagbiljet of de schriftelijke kennisgeving.

Artikel 10 Kwijtschelding

Bij de invordering van de lijkbezorgingsrechten wordt geen kwijtschelding verleend.

Artikel 11 Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders

Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en de invordering van de rechten.

Artikel 12 Inwerkingtreding en citeertitel

  • 1. De 'Verordening Lijkbezorgingsrechten 2014' van 19 december 2013 wordt ingetrokken met ingang van de in het vierde lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.

  • 2. Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking.

  • 3. In afwijking in zoverre van het in de voorgaande leden bepaalde, blijft, indien de datum van inwerkingtreding van deze verordening ligt na de in het vierde lid genoemde datum van ingang van de heffing, de ingetrokken verordening gelden voor de in de tussenliggende periode plaatsvindende belastbare feiten voor zover ter zake daarvan de heffing van de rechten in die periode plaatsvindt.

  • 4. De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2015.

  • 5. Deze verordening wordt aangehaald als de 'Verordening lijkbezorgings-rechten 2015'.

Ondertekening

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Eemsmond,gehouden op 6 november 2014.
De raad voornoemd,
voorzitter,
griffier,

Bijlage Tarieventabel

Behorende bij de Verordening lijkbezorgingsrechten 2015

De rechten bedragen:

HOOFDSTUK 1 VERLENEN VAN RECHTEN

 

 

1.1.1

Voor het verlenen van het uitsluitend recht tot het doen begraven en begraven houden, wordt geheven:

 

1.1.1.1

voor 30 jaar

781,75

1.1.1.2

Voor iedere 10 jaar extra tot een totaal van maximaal 100 jaar

259,55

1.1.2

Voor het verlenen van het uitsluitend recht tot het doen begraven en begraven houden van een lijk van een kind beneden een jaar, wordt geheven:

 

1.1.2.1

voor 30 jaar

390,35

1.1.2.2

Voor iedere 10 jaar extra tot een totaal van maximaal 100 jaar

129,75

 

 

 

1.2

Voor het verlenen van het uitsluitend recht op een urnengraf wordt geheven:

 

1.2.1

voor 30 jaar

390,75

1.2.2

Voor iedere 10 jaar extra tot een totaal van maximaal 100 jaar

129,75

 

 

 

1.3

Voor het verlenen van het uitsluitend recht tot het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen wordt geheven:

 

1.3.1.1

in een eigen graf voor 30 jaar

781,75

1.3.1.2

Voor iedere 10 jaar extra tot een totaal van maximaal 100 jaar

 

267,80

1.3.2.1

in een urnennis voor 30 jaar

781,75

1.3.2.2

Voor iedere 10 jaar extra tot een totaal van maximaal 100 jaar

267,80

 

 

 

1.4

Voor het verlenen van het uitsluitend recht tot het doen plaatsen en geplaatst houden van urnen wordt geheven:

 

1.4.1

in een urnennis voor 30 jaar

781,75

1.4.2

Voor iedere 10 jaar extra tot een totaal van maximaal 100 jaar

267,80

 

 

HOOFDSTUK 2 BEGRAVEN

 

 

 

2.1

Voor het begraven van een lijk van een kind beneden een jaar wordt geheven

359,45

 

 

 

2.2

Voor het begraven van een lijk wordt geheven

718,95

 

 

HOOFDSTUK 3 BIJZETTEN VAN ASBUSSEN EN URNEN

 

 

 

3.1

Voor het bijzetten van een asbus wordt geheven:

 

3.1.1

in een urnennis

257,50

3.1.2

in een urnengraf

210,10

3.1.3

in een eigen graf

718,95

3.1.4

in een algemeen graf

707,60

3.1.5

in een eigen graf ouder dan 10 jaar

210,10

 

 

 

3.2

Voor het bijzetten van een urn wordt geheven:

 

3.2.1

in een urnennis

257,50

3.2.2

in een urnengraf

210,10

3.2.3

in een eigen graf

718,95

3.2.4

in een algemeen graf

718,95

3.2.5

in een eigen graf ouder dan 10 jaar

210,10

 

 

HOOFDSTUK 4 VERSTROOIEN VAN AS

 

 

 

4.1

As verstrooien per asbus

63,85

 

 

HOOFDSTUK 5 GRAFDEKKING EN SCHOONHOUDEN

 

 

 

5.1

Voor het afgeven van een vergunning voor het plaatsen of vernieuwen van voorwerpen wordt geheven:

 

5.1.1

voor het stichten van een grafkelder

149,35

5.1.2

voor het stichten van gedenktekenen en kruisen, per gedenkteken of kruis

110,20

5.1.3

voor het plaatsen van een zerk

110,20

5.1.4

voor het aanleggen van een graftuin

110,20

5.1.5

voor het planten van heesters en andere gewassen

110,20

 

 

 

5.2

Voor het door of vanwege de gemeente schoonhouden van gedenktekenen, kruisen of zerken wordt geheven per jaar per gedenkteken, kruis of zerk

69,00

 

 

 

5.3

Het recht als bedoeld in artikel 5.2 kan worden afgekocht voor de duur van het uitsluitend recht als bedoeld in hoofdstuk 1, door voldoening van een som ineens van twintigmaal het jaartarief als bedoeld in artikel 5.2

 

 

 

HOOFDSTUK 6 LIJKSCHOUWING

 

 

 

6.1

Voor het schouwen van een lijk door een gemeentelijke lijkschouwer wordt geheven:

 

6.1.1

indien de schouwing op een werkdag plaatsvindt

82,40

6.1.2

op overige dagen en tussen 18.00 en 07.00 uur

116,40

 

 

 

 

HOOFDSTUK 7 INSCHRIJVING EN OVERBOEKEN VAN EIGEN GRAVEN EN EIGEN URNENRUIMTEN

 

 

 

7.1

Voor het inschrijven en overboeken van eigen graven, eigen urnengraven en eigen urnennissen in daartoe bestemde registers wordt geheven

8,25

 

 

 

 

HOOFDSTUK 8 LICHTEN EN RUIMEN

 

 

 

8.1

Voor het lichten van een lijk wordt geheven

718,95

 

 

 

8.2

Voor het na lichting weer opnieuw begraven in hetzelfde graf wordt geheven

718,95

8.3

Voor het na lichting weer begraven in een ander graf wordt geheven

874,45

 

 

 

8.4

Voor het lichten van een asbus wordt geheven:

 

8.4.1

uit een eigen graf

718,95

8.4.2

uit een eigen urnengraf

211,15

8.4.3

uit een eigen urnennis

257,50

8.4.4

uit een algemeen graf

718,95

8.4.5

Bij het weer terugplaatsen van een asbus wordt geheven

718,95

 

 

 

8.5

Voor het ruimen van een graf op aanvraag van de belanghebbende wordt geheven

1.282,35