Verordening cliëntenparticipatie Sociale Zekerheid, gemeente Drimmelen

Geldend van 01-01-2015 t/m heden

Intitulé

Verordening cliëntenparticipatie Sociale Zekerheid, gemeente Drimmelen

De raad van de gemeente Drimmelen;

gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders d.d. 11 november 2014;

gelet op artikel 47 van de Participatiewet, artikel 42 van de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers, artikel 42 van de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen, artikel 2, lid 3 van de Wet sociale werkvoorziening, artikel 12 en artikel 150 van de Gemeentewet;

overwegende dat het noodzakelijk is om cliëntenparticipatie in het kader van de Participatiewet, de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers, de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen en de Wet sociale werkvoorziening bij verordening te regelen;

Besluit

vast te stellen: de “Verordening cliëntenparticipatie Sociale Zekerheid, gemeente Drimmelen”.

Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen

Artikel 1 Begripsbepalingen
  • 1. Alle begrippen die in deze verordening worden gebruikt en die niet nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de in de aanhef van deze verordening genoemde wetten en de Algemene wet bestuursrecht.

  • 2. In deze verordening wordt verstaan onder:

    • a.

      Cliëntenparticipatie: het tijdig betrekken van het Platform Sociale Zekerheid bij de voorbereiding van besluitvorming in het kader van het gemeentelijke beleid met betrekking tot uitkeringsregelingen van sociale zaken en de Wet sociale Werkvoorziening;

    • b.

      Cliënt: degene die een periodieke uitkering ontvangt van de gemeente Drimmelen in het kader van de wetten of regelingen waarvan de uitvoering aan sociale zaken van de gemeente Drimmelen is opgedragen, alsmede de inwoners die geïndiceerd zijn voor arbeid in het kader van de sociale werkvoorziening;

    • c.

      Belangenorganisaties: organisaties van uitkeringsgerechtigden en Wsw-geïndiceerden, alsmede overige organisaties, die dienstverlening aan c.q. belangenbehartiging van inwoners met een laag inkomen als doelstelling hebben;

    • d.

      afdeling: de afdeling Maatschappelijke Aangelegenheden van de gemeente Drimmelen;

    • e.

      Participatiewet: Participatiewet;

    • f.

      Wsw: Wet sociale werkvoorziening;

    • g.

      IOAW: Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers;

    • h.

      IOAZ: Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen;

    • i.

      uitkeringsgerechtigden: personen met bijstand op grond van de Participatiewet, een uitkering op grond van de IOAW of een uitkering op grond van de IOAZ

    • j.

      college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Drimmelen.

    • k.

      gemeente: de gemeente Drimmelen.

Hoofdstuk 2 Van het Platform Sociale Zekerheid

Artikel 2 Platform Sociale Zekerheid

Er is een Platform Sociale Zekerheid om gestalte te geven aan de wettelijke verplichting van cliëntenparticipatie. Dit Platform Sociale Zekerheid voorziet in cliëntenparticipatie waar dit wettelijk is voorgeschreven en wordt binnen gemeente Drimmelen als één Platform ingezet op het gebied van de Participatiewet, Wsw, IOAW en IOAZ.

Artikel 3 Taken
  • 1. Het Platform Sociale Zekerheid bevordert de totstandkoming van een integraal en evenwichtig beleid met betrekking tot de beleidsterreinen Participatiewet (inclusief minimabeleid), Wsw, IOAW en IOAZ en geeft hiertoe gevraagd en ongevraagd advies aan het college.

  • 2. De aspecten van de genoemde terreinen waarop het Platform Sociale Zekerheid gehoord wordt zijn voorbereiding, uitvoering en evaluatie van het beleid.

  • 3. Om te kunnen voldoen aan het eerste lid dient het college zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk 3 weken van tevoren de stukken waar advies over wordt opgevraagd te doen toekomen aan het Platform Sociale Zekerheid.

  • 4. In het geval dat het college afwijkt van het advies van het Platform Sociale Zekerheid, wordt dit gemotiveerd en teruggekoppeld aan het Platform Sociale Zekerheid

Artikel 4 Samenstelling
  • 1. Het Platform Sociale Zekerheid bestaat uit:

    • a.

      een voorzitter en de leden b t/m c;

    • b.

      cliënten;

    • c.

      vertegenwoordigers van belangenorganisaties;

    • d.

      portefeuillehouder sociale zaken van het college;

    • e.

      een ambtelijk ondersteuner.

  • 2. Leden van het Platform Sociale Zekerheid, als bedoeld in het eerste lid onder b en c kunnen worden geselecteerd uit cliënten en belangenorganisaties van de gemeente. Ten aanzien van belangenorganisaties wordt gesteld dat deze werkzaam zijn binnen de gemeente en op basis van de maatschappelijke participatie bindingen hebben met cliënten; het is aan het Platform Sociale Zekerheid om nieuwe leden te werven uit belangenorganisaties en/ of klantgroepen van sociale zaken.

  • 3. Het Platform Sociale Zekerheid kan minimaal bestaan uit 5 en maximaal uit 12 leden inclusief de voorzitter; de ambtelijk ondersteuner en de portefeuillehouder van het college zijn geen lid.

  • 4. De leden van het Platform Sociale Zekerheid mogen geen lid zijn van de Ondernemingsraad van WAVA!GO of andere sociale werkvoorzieningsschappen/gemeenten, geen lid zijn van andere gemeentelijke commissies, geen lid zijn van de gemeenteraad en geen ambtenaar bij de afdeling of werkzaam zijn bij een adviseur van de gemeente op de betreffende beleidsterreinen.

  • 5. De belangenorganisaties als bedoeld in het tweede lid moeten aan de volgende voorwaarden voldoen:

    • a.

      het moeten belangenorganisaties zijn voor cliënten;

    • b.

      er moet sprake zijn van terugkoppeling naar de cliënten;

    • c.

      zij moeten voor de cliënten aanspreekbaar zijn;

    • d.

      zij moeten hun werkterrein hebben in de gemeente;

    • e.

      zij mogen geen lid zijn van de steunfracties, gemeenteraad of ambtenaar zijn bij de gemeente.

  • 6. De in het tweede lid genoemde belangenorganisaties kunnen plaatsvervangende leden voordragen, die eveneens moeten voldoen aan de in het vierde en vijfde lid vermelde voorwaarden.

  • 7. Het Platform Sociale Zekerheid zoekt haar leden aan, die integraal voor haar taakstelling als bedoeld in artikel 3 inzetbaar zijn.

Artikel 5 Van de voorzitter
  • 1. De voorzitter van het Platform Sociale Zekerheid wordt door het Platform Sociale Zekerheid uit haar midden benoemd.

  • 2. De zittingsduur van de voorzitter is behoudens tussentijds aftreden, 4 jaar, doch is éénmaal aansluitend herbenoembaar (maximale zittingsduur is dus 8 jaar).

  • 3. Hij blijft in functie totdat een nieuwe benoeming heeft plaatsgevonden.

  • 4. Het voorzitterschap eindigt met onmiddellijke ingang naar aanleiding van een gemotiveerd verzoek van het Platform Sociale Zekerheid.

  • 5. De benoeming ter voorziening in een tussentijdse vacature geschiedt bij voorkeur binnen 2 maanden na het ontstaan van de vacature.

  • 6. Bij het staken der stemmen geeft de visie van de voorzitter de doorslag.

Artikel 6 Van de secretaris
  • 1. Het secretariaat van het Platform Sociale Zekerheid wordt uit eigen geledingen of door externe aanwijzing door het Platform Sociale Zekerheid vervuld.

  • 2. Tot de taken van de secretaris behoren in ieder geval:

    • a.

      Het in overleg met de voorzitter verzorgen van de agenda voor de vergaderingen van het Platform Sociale Zekerheid;

    • b.

      Het vastleggen van beslissingen van het Platform Sociale Zekerheid;

    • c.

      Het opstellen van het jaarverslag van het Platform Sociale Zekerheid;

    • d.

      Het voeren van correspondentie namens het Platform Sociale Zekerheid;

    • e.

      Het verzorgen van het archief van het Platform Sociale Zekerheid;

    • f.

      Het volgen van de ontwikkelingen in de wetgeving.

Artikel 7 Benoeming en zittingsduur leden Platform Sociale Zekerheid Nummering
  • 1. Benoeming van de leden geschiedt voor onbepaalde tijd;

  • 2. Het lidmaatschap eindigt met onmiddellijke ingang op het moment dat betrokkene daar zelf om verzoekt of naar aanleiding van een gemotiveerd verzoek van het Platform Sociale Zekerheid.

  • 3. De benoeming ter voorziening in een vacature geschiedt bij voorkeur binnen 6 maanden na het ontstaan van de vacature.

Hoofdstuk 3 Overige bepalingen

Artikel 9 Uitvoering
  • 1. De uitvoering van deze verordening berust bij het college.

  • 2. Over de uitvoering van deze verordening legt het college jaarlijks door middel van het beleidsverslag Sociale Zaken verantwoording af aan de raad.

Artikel 10 Verslaglegging overleg
  • 1. Het door de secretaris gemaakte verslag van de vergadering wordt binnen 14 dagen na dit overleg aan het Platform Sociale Zekerheid toegezonden.

  • 2. Het hoofd van de afdeling Maatschappelijke Aangelegenheden of een door deze aangewezen ambtenaar is contactpersoon voor het Platform Sociale Zekerheid (volgorde?)

Artikel 11 Facilitering

Het college zorgt er voor dat het Platform Sociale Zekerheid kan beschikken over de middelen die noodzakelijk zijn om de in deze verordening geformuleerde taken te kunnen uitvoeren. Voorts heeft het college de bevoegdheid tot het vaststellen van een vergoeding ten behoeve van de voorzitter en de leden van het Platform Sociale Zekerheid.

Artikel 12 Nadere regels

Het college is bevoegd om nadere regels te stellen met betrekking tot de uitvoering van deze verordening.

Artikel 13 Intrekking

De Verordening cliëntenparticipatie gemeente Drimmelen, zoals vastgesteld bij raadsbesluit van 1 juli 2010 wordt ingetrokken met ingang van de datum van inwerkingtreding van deze verordening, zoals bedoeld in artikel 14.

Artikel 14 Inwerkingtreding

Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2015.

Artikel 15 Citeertitel

Deze verordening wordt aangehaald: ‘Verordening cliëntenparticipatie Sociale Zekerheid, gemeente Drimmelen’.

Ondertekening

Aldus besloten in de openbare raadsvergadering
van 11 december 2014.
De raad voornoemd.
De voorzitter ,drs. G.L.C.M. de Kok
De griffier, mr. M.J.N. Schuurbiers

Toelichting

Algemene Toelichting

Binnen verschillende sociale zekerheidsregelingen, waarvan de uitvoering is opgedragen aan de gemeente, wordt er belang gehecht aan de vormgeving van cliëntenparticipatie. Dit belang wordt ook groter naarmate de gemeente meer beleidsvrijheid krijgt. Om deze redenen heeft de wetgever in een aantal sociale zekerheidsregelingen de verplichting opgelegd dat de gemeente bij verordening regels stelt over de wijze waarop cliëntenparticipatie plaatsvindt. Een dergelijke bepaling is opgenomen in de Participatiewet, de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers (IOAW), de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (IOAZ) en de Wet sociale werkvoorziening (Wsw).

In de Participatiewet in artikel 47 de volgende bepaling over cliëntenparticipatie opgenomen.

De gemeenteraad stelt bij verordening regels over de wijze waarop de personen, bedoeld in artikel 7, eerste lid, of hun vertegenwoordigers worden betrokken bij de uitvoering van deze wet, waarbij in ieder geval wordt geregeld de wijze waarop:

  • a.

    periodiek overleg wordt gevoerd met deze personen of hun vertegenwoordigers;

  • b.

    deze personen of vertegenwoordigers onderwerpen voor de agenda voor dit overleg kunnen aanmelden;

  • c.

    zij worden voorzien van de voor een adequate deelname aan het overleg benodigde informatie.

In zowel de IOAW als de IOAZ is in artikel 42 de volgende bepaling opgenomen.

Het college draagt zorg voor de realisatie en vormgeving van cliëntenparticipatie bij de uitvoering van de wet, met inachtneming van artikel 150 van de Gemeentewet.

In artikel 2, lid 3 van de Wsw is het volgende vastgelegd.

De gemeenteraad stelt bij verordening regels over de wijze waarop de ingezetenen die geïndiceerd zijn of hun vertegenwoordigers worden betrokken bij de uitvoering van deze wet, waarbij in ieder geval wordt geregeld de wijze waarop:

  • a.

    periodiek overleg wordt gevoerd met deze ingezeten of hun vertegenwoordigers;

  • b.

    deze ingezetenen of vertegenwoordigers onderwerpen voor de agenda van dit overleg kunnen aanmelden;

  • c.

    zij worden voorzien van de voor een adequate deelname aan het overleg benodigde informatie.

In deze verordening wordt vormgegeven aan cliëntenparticipatie ten aanzien van de hierboven genoemde wetten.

Artikelsgewijze toelichting

Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen

Artikel 1 Begripsbepalingen

Er is voor gekozen om begrippen die al zijn omschreven in de in de aanhef van deze verordening genoemde wetten en de Algemene wet bestuursrecht (Awb) niet afzonderlijk te definiëren in deze verordening. Dit voorkomt dat in geval van wijziging van betreffende definities in genoemde wetten ook de verordening moet worden gewijzigd.

De begrippen die niet zijn omschreven in bovengenoemde wetten of die verduidelijkt moeten worden, zijn in het tweede lid omschreven.

Hoofdstuk 2 Van het Platform Sociale Zekerheid

Artikel 2 Platform Sociale Zekerheid

Dit artikel behelst een globale omschrijving van het doel van cliëntenparticipatie en omarmt de gedachte dat cliëntenparticipatie onmisbaar is in een uitvoering van de beleidsgebieden waarin de cliënt centraal staat.

Artikel 3 Taken

Dit artikel bepaalt de reikwijdte van de taken en bevoegdheden die aan het Platform Sociale Zekerheid zijn toebedeeld. Het Platform wordt een rol gegeven bij de bevordering van een integraal en evenwichtig beleid.

Naast een adviserende taak wat betreft de algemene werkzaamheden en dienstverlening van de afdeling Maatschappelijke Aangelegenheden, heeft het Platform Sociale Zekerheid ook recht van initiatief op dit terrein.

Artikel 4 Samenstelling

Dit artikel regelt in grote lijnen het aantal aanwezigen tijdens het overleg tussen de vertegenwoordiging van het college en het Platform Sociale Zekerheid, staat een zeker evenwicht voor in de vertegenwoordiging van alle cliënten en belangenorganisaties en maatschappelijke organisaties en deelt een aantal functies toe aan de gemeentelijke vertegenwoordiging tijdens het overleg.

Dit artikel bepaalt, dat het Platform Sociale Zekerheid door de afvaardiging van een lid van het college in de vergaderingen van het Platform met betrekking tot het beleid overleg voert met het college. Het college is immers het bestuursorgaan dat is belast met de uitvoering van de in de in de aanhef van deze verordening genoemde wetten. In beginsel zal het college zich tijdens het overleg laten vertegenwoordigen door de portefeuillehouder sociale zaken. Gekozen is voor toevoeging van een ambtelijk contactpersoon om redenen van faciliterende aard.

Artikel 5 Van de voorzitter

In dit artikel staat een aantal taken opgesomd die de voorzitter tijdens de vergaderingen van het Platform Sociale Zekerheid. Bij het staken van de stemmen heeft de voorzitter bij uitzondering stemrecht en is in deze situatie is zijn stem bepalend.

Artikel 6 Van de secretaris

In dit artikel staat een aantal taken opgesomd die de ambtelijke secretaris vóór, tijdens en na het overleg van het Platform Sociale Zekerheid heeft.

Artikel 7 Benoeming en zittingsduur leden Platform Sociale Zekerheid

Het Platform kan haar eigen leden aanzoeken met toepassing van artikel 4.

Artikel 8 Vergaderen

Het eerste lid biedt een waarborg voor een minimale vergaderfrequentie van tweemaal per jaar van het Platform Sociale Zekerheid. Uiteraard is het mogelijk om extra vergaderingen uit te schrijven. Dit kan zowel op verzoek van het Platform Sociale Zekerheid als op verzoek van de gemeente.

Hoofdstuk 3 Overige bepalingen

Artikel 9 Uitvoering

Evenals de uitvoering van de in de in de aanhef van deze verordening genoemde wetten ligt de uitvoering van deze verordening bij het college.

Artikel 10 Verslaglegging overleg

Dit artikel behoeft geen nadere toelichting.

Artikel 11 Facilitering

Het college draagt kosteloos zorg voor alle faciliteiten om het overleg met het Platform Sociale Zekerheid naar behoren te laten verlopen. Hier wordt expliciet onder verstaan het beschikbaar stellen van een vergaderruimte en het kopiëren en verspreiden van noodzakelijke stukken. Verder draagt het college bij aan deskundigheidsbevordering onder de leden van het Platform Sociale Zekerheid. Daarbij kan gedacht worden aan periodieke instructies aan de leden c.q. deelnemende belangengroepen en maatschappelijke organisaties.

Aan het Platform Sociale Zekerheid worden diverse kosten vergoed. O.a. reiskosten en kosten gebruik eigen computer en printer. Indien er andere noodzakelijk kosten zijn in het kader van de continuïteit van het functioneren van het Platform Sociale Zekerheid kan het College hierin nader voorzien.

Artikel 12 Nader regels

Het college is bevoegd om nadere regels te stellen met betrekking tot de uitvoering van deze verordening.

Artikel 13 Intrekking

Deze verordening vervangt de verordening cliëntenparticipatie, die in juli 2010 door de gemeenteraad is vastgesteld. Deze verordening wordt per 1 januari 2015 dan ook ingetrokken.

Artikel 14 Inwerkingtreding

Dit artikel behoeft geen nadere toelichting.

Artikel 15 Citeertitel

Dit artikel behoeft geen nadere toelichting.