Aanwijzingsbesluit toezichthouders Waterverordening Zeeland 2013

Geldend van 24-01-2013 t/m heden

Intitulé

Aanwijzingsbesluit toezichthouders Waterverordening Zeeland 2013

gedeputeerde staten van Zeeland,

overwegende dat:

  • -

    het aanwijzingsbesluit van 3 februari 2010, nummer 10008772, niet meer actueel is door wijzigingen in de personeelsformatie

  • -

    door middel van dit aanwijzingsbesluit een juridische basis wordt gelegd voor het uitoefenen van toezichthoudende bevoegdheden door de in deze beschikking genoemde medewerkers van de provincie Zeeland

gelet op:

  • -

    artikel 5.11 en verder van Titel 5.2 van de Algemene wet bestuursrecht

  • -

    artikel 8.1 van de Waterverordening Zeeland

besluiten:

  • -

    het Aanwijzingsbesluit toezichthouders Waterverordening Zeeland van 3 februari 2010 in te trekken.

  • -

    het Aanwijzingsbesluit toezichthouders Waterverordening Zeeland 2013 vast te stellen.

Artkelen

Artikel 1 Begripsomschrijvingen

In dit besluit wordt verstaan onder:

  • 1.

    Bestuur: Gedeputeerde Staten van Zeeland.

  • 2.

    Directeur: de algemeen directeur of de directeur van de ambtelijke organisatie van de provincie Zeeland

  • 3.

    Toezichthouder: een persoon, als bedoeld in artikel 5:11 van de Algemene wet bestuursrecht, die belast is met het houden van toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens enig wettelijk voorschrift.

  • 4.

    Legitimatiebewijs: het bewijs als bedoeld in artikel 5:12 Algemene wet bestuursrecht.

Artikel 2 Toezichthouders, bevoegdheden en rechten en plichten
  • 1.

    Het bestuur wijst de medewerkers die de in bijlage 1 vermelde functies bekleden aan als toezichthouder.

  • 2.

    De toezichthouder is belast met het houden van toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens de Waterverordening Zeeland. Daarbij heeft de toezichthouder rechten en plichten, zie bijlage 1.

Artikel 3 Termijn
  • 1.

    De aanwijzing tot toezichthouder, als bedoeld in artikel 2, geschiedt tot wederopzegging dan wel tot beëindiging van het dienstverband, dan wel tot benoeming in een functie die niet valt binnen de aldaar genoemde functies en functienummers.

Artikel 4 Registratie toezichthouders
  • 1.

    De verantwoordelijkheid voor de registratie van de toezichthouders ligt bij het afdeling Personeel en Organisatie.

  • 2.

    Zowel bij ontvangst als bij teruggave van het legitimatiebewijs tekent de toezichthouder voor bevestiging.

Artikel 5 Legitimatiebewijs
  • 1.

    De Regeling model legitimatiebewijs toezichthouders Algemene wet bestuursrecht is op het legitimatiebewijs, dat aan toezichthouders wordt uitgereikt, van toepassing.

  • 2.

    Het legitimatiebewijs wordt opgesteld conform het model dat is vastgesteld door de minister van Justitie.

  • 3.

    Het legitimatiebewijs wordt alleen uitgegeven aan medewerkers die bij dit besluit zijn aangewezen als toezichthouder.

  • 4.

    Bij beëindiging van de aanwijzing levert de toezichthouder het legitimatiebewijs in bij het afdeling Personeel en Organisatie.

Artikel 6 Ingangsdatum

Dit besluit treedt in werking op de dag na bekendmaking in het Provinciaal Blad.

Artikel 7 Citeertitel

Deze regeling kan worden aangehaald als “Aanwijzingsbesluit toezichthouders Waterverordening Zeeland 2013".

Toelichting

Aanwijzingsbesluit toezichthouders Waterverordening Zeeland 2013

1. Inleiding

Bij de provincie Zeeland bestaat gelet op haar wettelijke taakuitoefening behoefte aan officiële toezichthouders waaraan bevoegdheden zijn toegekend als bedoeld in Titel 5.2 van de Algemene wet bestuursrecht (verder te noemen: Awb). Om Titel 5.2 Awb van toepassing te verklaren is een uitdrukkelijke aanwijzing van toezichthouders door het bestuur, het college van gedeputeerde staten van Zeeland, vereist.

Diverse medewerkers worden op basis van het “Aanwijzingsbesluit toezichthouders Waterverordening Zeeland 2013" als toezichthouder aangewezen. Bij de toekenning van bevoegdheden is gekozen voor functionele en categoriale aanwijzing.

Met dit besluit worden medewerkers die in een toezichthoudende functie zijn benoemd direct als toezichthouder aangewezen, zoals aangegeven in artikel 2.

2. Wat is een toezichthouder?

Onder toezichthouder wordt verstaan: een persoon die, bij of krachtens wettelijk voorschrift, is belast met het houden van toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens enig wettelijk voorschrift. Zie artikel 5:11 van de Awb.

3. Bevoegdheden toezichthouder

De Awb regelt met name het specifiek toekennen van bevoegdheden aan toezichthouders. Het betreft de in de artikelen 5:15 tot en met 5:19 Awb opgenomen bevoegdheden tot het:

  • 1.

    Het betreden van plaatsen, met uitzondering van een woning zonder toestemming van de bewoner. Hiertoe mogen andere personen die jezelf hebt aangewezen met je meegaan (artikel 5:15 Awb lid 1 en 3)

  • 2.

    Het bevorderen van inlichtingen (artikel 5:16 Awb)

  • 3.

    Inzage van zakelijke gegevens en bescheiden en hiervan kopieën te maken. Indien het maken van kopieën niet ter plaatse kan geschieden, dan bevoegd om de gegevens en bescheiden voor korte tijd mee te nemen tegen het afgeven van een schriftelijk bewijs (artikel 5:17 Awb)

  • 4.

    Onderzoek, opneming en monsterneming van zaken. Bevoegd daartoe verpakkingen te openen. Op verzoek van de belanghebbende wordt (indien mogelijk) een tweede monster genomen. Indien het onderzoek, de opneming of de monsterneming niet ter plaatse kan geschieden, dan bevoegd om de zaken voor korte tijd mee te nemen tegen het afgeven van een schriftelijk bewijs. Monsters worden voor zover mogelijk teruggegeven (artikel 5:18 Awb)

  • 5.

    Het onderzoeken van vervoersmiddelen en hun lading. Bevoegd om van de bestuurder van een vervoermiddel inzage te vorderen van de wettelijke voorgeschreven bescheiden. De bevoegdheid om van de bestuurder van een voertuig of van de schipper van een vaartuig te vorderen dat deze zijn vervoermiddel stilhoudt en naar een door hem aangewezen plaats overbrengt. (artikel 5:19 Awb)

In artikel 5:14 Awb is bepaald dat bij wettelijk voorschrift of bij verordening van het bestuursorgaan dat de toezichthouder als zodanig aanwijst, de aan de toezichthouder toekomende bevoegdheden kunnen worden beperkt. Het bestuur heeft hiertoe de toezichthouders in twee categorieën ingedeeld met daarbij een aantal toekomende bevoegdheden.

Tot slot is in het aanwijzingsbesluit opgenomen welke rechten en plichten de toezichthouders in algemene zin hebben.

4. Aanwijzingsbesluit Waterverordening Zeeland 2013

Om Titel 5.2 Awb van toepassing te verklaren is een uitdrukkelijke aanwijzingsbesluit toezichthouders Waterverordening Zeeland vereist. Dit aanwijzingsbesluit moet vastgesteld worden door het bestuur.

4.1. Grondslag

Het bevoegde bestuur voor het nemen van een aanwijzingsbesluit is voor de provincie Zeeland het college van gedeputeerde staten van Zeeland. Dit is analoog aan wat is bepaald in artikel 8.1 van de Waterverordening Zeeland ten aanzien van de aanwijzing van toezichthouders.

Het college van Gedeputeerde Staten van Zeeland heeft bij besluit van 11 december 2012 (gepubliceerd in Provinciaal Blad, nummer 30 van 2012) de bevoegdheid tot het aanwijzen van toezichthouders gemandateerd aan de directeur.

5. Legitimatiebewijs

Het model van het legitimatiebewijs wordt vastgesteld bij regeling van Onze Minister van Veiligheid en Justitie.

Hiermee wordt conform artikel 5:12, lid 3 van de Awb gehandeld.

Bijlage 1 Behorend bij het Aanwijzingsbesluit toezichthouders Waterverordening Zeeland 2013

Het bestuur heeft de toezichthouders Waterverordening Zeeland in twee categorieën ingedeeld met daarbij een aantal toekomende bevoegdheden.

Categorie A: Functie en functienummer
  • 1.

    Afdelingshoofd Beheer en onderhoud, functienummer 10323.

  • 2.

    Unithoofd Droge Infrastructuur, functienummer 10326

  • 3.

    Unithoofd Natte Infrastructuur, functienummer 10327

  • 4.

    Rayonmedewerker Nautisch & Civiel, functienummer 10365

  • 5.

    Juridisch medewerker, functienummer 10338 en 10339

Bevoegdheden categorie A

De bevoegdheden welke zijn opgenomen in de artikelen 5:15 tot en met 5:19 van de Algemene wet bestuursrecht (verder: Awb) tot:

  • 1.

    Het betreden van plaatsen, met uitzondering van een woning zonder toestemming van de bewoner. Hiertoe mogen andere personen die door de toezichthouder zelf zijn aangewezen meegaan (artikel 5:15 Awb lid 1 en 3)

  • 2.

    Het bevorderen van inlichtingen (artikel 5:16 Awb)

  • 3.

    Inzage van zakelijke gegevens en bescheiden en hiervan kopieën te maken. Indien het maken van kopieën niet ter plaatse kan geschieden, dan is de toezichthouder bevoegd om de gegevens en bescheiden voor korte tijd mee te nemen tegen het afgeven van een schriftelijk bewijs (artikel 5:17 Awb)

  • 4.

    Onderzoek, opneming en monsterneming van zaken. De toezichthouder is bevoegd daartoe verpakkingen te openen. Op verzoek van de belanghebbende wordt (indien mogelijk) een tweede monster genomen. Indien het onderzoek, de opneming of de monsterneming niet ter plaatse kan geschieden, dan is de toezichthouder bevoegd om de zaken voor korte tijd mee te nemen tegen het afgeven van een schriftelijk bewijs. Monsters worden voor zover mogelijk teruggegeven (artikel 5:18 Awb)

  • 5.

    Het onderzoeken van vervoersmiddelen en hun lading. De toezichthouder is bevoegd om van de bestuurder van een vervoermiddel inzage te vorderen van de wettelijke voorgeschreven bescheiden. De toezichthouder heeft met het oog op de uitoefening van deze bevoegdheden van de bestuurder van een voertuig of van de schipper van een vaartuig te vorderen dat deze zijn vervoermiddel stilhoudt en naar een door hem aangewezen plaats overbrengt. (artikel 5:19 Awb)

Algemene wet bestuursrecht (verder: Awb) tot:
  • 1.

    Het betreden van plaatsen, met uitzondering van een woning zonder toestemming van de bewoner. Hiertoe mogen andere personen die door de toezichthouder zelf zijn aangewezen meegaan (artikel 5:15 Awb lid 1 en 3)

  • 2.

    Het bevorderen van inlichtingen (artikel 5:16 Awb)

  • 3.

    Inzage van zakelijke gegevens en bescheiden en hiervan kopieën te maken. Indien het maken van kopieën niet ter plaatse kan geschieden, dan is de toezichthouder bevoegd om de gegevens en bescheiden voor korte tijd mee te nemen tegen het afgeven van een schriftelijk bewijs (artikel 5:17 Awb)

  • 4.

    Onderzoek, opneming en monsterneming van zaken. De toezichthouder is bevoegd daartoe verpakkingen te openen. Op verzoek van de belanghebbende wordt (indien mogelijk) een tweede monster genomen. Indien het onderzoek, de opneming of de monsterneming niet ter plaatse kan geschieden, dan is de toezichthouder bevoegd om de zaken voor korte tijd mee te nemen tegen het afgeven van een schriftelijk bewijs. Monsters worden voor zover mogelijk teruggegeven (artikel 5:18 Awb)

  • 5.

    Het onderzoeken van vervoersmiddelen en hun lading. De toezichthouder is bevoegd om van de bestuurder van een vervoermiddel inzage te vorderen van de wettelijke voorgeschreven bescheiden. De toezichthouder heeft met het oog op de uitoefening van deze bevoegdheden van de bestuurder van een voertuig of van de schipper van een vaartuig te vorderen dat deze zijn vervoermiddel stilhoudt en naar een door hem aangewezen plaats overbrengt. (artikel 5:19 Awb)

Categorie B: Functie en functienummer
  • 1.

    Medewerker objectbediening, functienummer 10366 tot en met 10375

  • 2.

    Kantonnier Natte Infrastructuur, functienummer 10376 tot en met 10379

  • 3.

    Medewerker Beleidsondersteuner Beheer en Onderhoud, functienummer 10380

  • 4.

    Medewerker technisch onderhoud elektrotechnisch, functienummer 10381 en 10382

  • 5.

    Medewerker technisch onderhoud mechanisch, functienummer 10383 en 10384

Bevoegdheden categorie B

De bevoegdheden welke zijn opgenomen in de artikelen 5:15 en 5:16 van de Awb tot:

  • 1.

    Het betreden van plaatsen, met uitzondering van een woning zonder toestemming van de bewoner. Hiertoe mogen andere personen die jezelf hebt aangewezen met je meegaan (artikel 5:15 Awb lid 1 en 3)

  • 2.

    Het bevorderen van inlichtingen (artikel 5:16 Awb)

De toezichthouder heeft de volgende rechten en plichten

Plichten

  • 1.

    Bij de uitoefening van zijn taak draagt een toezichthouder een legitimatiebewijs bij zich naar het model van de Minister van Justitie (artikel 5:12 Awb).

  • 2.

    Een toezichthouder mag slechts van zijn bevoegdheden gebruik maken voor zover dat redelijkerwijs voor de vervulling van zijn taak nodig is (artikel 5:13 Awb).

Rechten

  • 1.

    Hulp inroepen van "de sterke arm" (artikel 5:15 lid 2 Awb)

  • 2.

    Een ieder is in principe verplicht aan een toezichthouder binnen de door hem gestelde termijn alle medewerking te verlenen (artikel 5:20 lid 1 Awb)

Ondertekening

Gegeven te Middelburg, 2 april 2013
Gedeputeerde Staten voornoemd,
dhr. drs. J.M.M. POLMAN, voorzitter.
dhr. A.W. SMIT, secretaris.
Uitgegeven, 23 april 2013
De secretaris,
Dhr. A.W. Smit.