Privacyreglement woonruimteverdeling Holland Rijnland

Geldend van 01-01-2011 t/m 24-04-2019

Intitulé

Privacyreglement woonruimteverdeling Holland Rijnland

DAGELIJKS BESTUUR VAN HOLLAND RIJNLAND

Gelet op de bepalingen van de Wet beschermingpersoonsgegevens

Besluit:

Vast te stellen:

Privacyreglement woonruimteverdeling Holland Rijnland

Paragraaf 1: Algemene bepalingen

Artikel 1 Begrippen

In aanvulling op de in de Wet bescherming persoonsgegevens ("Wbp") gebruikte en gedefinieerde begrippen, wordt in dit reglement verstaan onder:

  • a.

    wet: Huisvestingswet.

  • b.

    verordening: Huisvestingsverordening Holland Rijnland 2009

  • c.

    woningzoekende: het huishouden dat in het register als bedoeld in artikel 3 van de Verordening is ingeschreven respectievelijk ingeschreven wil worden;

  • d.

    urgente: de persoon die in het bezit is van een urgentieverklaring in de zin van de Verordening;

  • e.

    stadsvernieuwingsurgente: de persoon die in het bezit is van een stadsvernieuwingsurgentieverklaring op grond van de Verordening;

  • f.

    persoonsgegeven: elk gegeven betreffende een geïdentificeerde of identificeerbare natuurlijke persoon.

  • g.

    verwerking van persoonsgegevens: elke handeling of elk geheel van handelingen met betrekking tot persoonsgegevens, waaronder in ieder geval het verzamelen, vastleggen, ordenen, bewaren, bijwerken, wijzigen, opvragen, raadplegen, gebruiken, verstrekken door middel van doorzending, verspreiding of enige andere vorm van terbeschikkingstelling, samenbrengen, met elkaar in verband brengen, alsmede het afschermen, uitwissen of vernietigen van gegevens.

  • h.

    urgentiecommissie: de commissie als bedoeld in artikel 16 van de Verordening, die is belast met de beoordeling van aanvragen om urgentie en vaststelling van urgentie;

  • i.

    bezwaarschriftencommissie: de commissie die ingevolge de Verordening is belast met de beslissing inzake klachten als bedoeld in artikel 4 tweede lid van de Wet en de advisering inzake bezwaarschriften als bedoeld in de Algemene wet bestuursrecht;

  • j.

    Woonzicht.nl: de website waarop de gegevens van woningzoekenden worden vastgelegd;

  • k.

    samenwerkingsorgaan Holland Rijnland: een publieke rechtspersoon als bedoeld in de Wet gemeenschappelijke regelingen, die onder andere tot taak heeft het (in regionaal verband) behartigen van de belangen en het uitvoeren van hetgeen aan burgemeester en wethouders is opgedragen in hoofdstuk V van de Wet;

  • l.

    de gemeente: de aan de Gemeenschappelijke regeling Holland Rijnland deelnemende gemeente die de bevoegdheden zoals opgenomen in artikel 5 lid 6 van de Gemeenschappelijke regeling heeft overgedragen;

  • m.

    verantwoordelijke: het Dagelijks Bestuur van het samenwerkingsorgaan Holland Rijnland;

  • n.

    beheerder: degene die onder verantwoordelijkheid van de verantwoordelijke is belast met de (dagelijkse) zorg voor de verwerking van persoonsgegevens alsmede voor het bewaren, verwijderen en verstrekken van gegevens.

  • o.

    gebruiker:degene die onder verantwoordelijkheid van de beheerder bevoegd is persoonsgegevens in te voeren, te wijzigen en/of te verwijderen, dan wel van enigerlei uitvoer van de verwerking kennis te nemen;

  • p.

    betrokkene: degene op wie een persoonsgegeven betrekking heeft.

  • q.

    GBA: Gemeentelijke basisadministratie

  • r.

    Wbp: Wet bescherming persoonsgegevens

  • s.

    CBP: het College bescherming persoonsgegevens als bedoeld in artikel 51 van de WBP.

Artikel 2 Reikwijdte en doelstelling reglement; doel verwerking persoonsgegevens

  • 1. Dit reglement is van toepassing op alle persoonsgegevens van woningzoekenden die een klacht of bezwaarschrift met betrekking tot woonruimteverdeling hebben ingediend en woningzoekenden die een urgentieverklaring aanvragen en die door of namens het samenwerkingsverband Holland Rijnland worden verwerkt en heeft tot doel:

    • a.

      de persoonlijke levenssfeer van wie persoonsgegevens worden verwerkt te beschermen tegen misbruik van die gegevens en tegen het verwerken van onjuiste gegevens;

    • b.

      te voorkomen dat persoonsgegevens worden verwerkt voor een ander doel dan het doel waarvoor ze verzameld zijn;

    • c.

      de rechten van de woningzoekenden wiens persoonsgegeven worden verwerkt te waarborgen.

  • 2. De verwerking van persoonsgegevens heeft tot doel:

    • a.

      Het afhandelen van klachten en bezwaar- en beroepschriften;

    • b.

      Het afhandelen van verzoeken om een (stadsvernieuwing)urgentie.

Artikel 3 Categorieën van personen van wie persoonsgegevens worden verstrekt

De registratie bevat uitsluitend persoonsgegevens over:

  • a.

    Personen die een klacht, een bezwaar- of beroepschrift hebben ingediend met betrekking tot woonruimteverdeling;

  • b.

    Personen die een aanvraag om (stadsvernieuwing)urgentie hebben ingediend;

Artikel 4 Verwerking persoonsgegevens

  • 1. Geen andere persoonsgegevens worden verwerkt dan:

    • a.

      naam, voorletters, geslacht, geboortedatum, adres, postcode, woonplaats, telefoonnummer en soortgelijke voor communicatie bedoelde gegevens;

    • b.

      burgerservicenummer;

    • c.

      inschrijfnummer Woonzicht.nl;

  • 2. Persoonsgegevens worden niet verzameld bij derden zonder ondubbelzinnige toestemming van de betrokkene.

Artikel 5 Wijze van verkrijging

1.De in artikel 4 genoemde persoonsgegevens worden verkregen door:

  • a.

    schriftelijke opgave van de geregistreerde zelf;

  • b.

    aanlevering door de woningcorperaties;

  • c.

    overname uit de gegevensverzameling in het GBA;

  • d.

    overname uit de registratie van Woonzicht.nl.

Artikel 6 Beheer van de persoonsregistratie

  • 1. De beheerder van de registratie zijn de secretaris van de Urgentiecommissie en de bestuurlijk juridisch medewerker die belast is met de uitvoering van de Verordening;

  • 2. De in het eerste lid bedoelde functionaris is als beheerder, onder verantwoordelijkheid van het Dagelijks Bestuur, belast met de feitelijke zorg en verantwoordelijkheid voor het functioneren van de registratie als geheel. Hij treft voor zover het binnen zijn bevoegdheid ligt de nodige maatregelen tot naleving van de wet en dit reglement;

  • 3. De invoer en verwerking van de in de registratie opgenomen gegevens, met inbegrip van de verbetering, aanvulling of verwijdering daarvan geschieden via excelbestanden door de gebruikers;

Artikel 7 Verwijdering van opgenomen persoonsgegevens

  • 1. De persoonsgegevens die in de persoonsregistratie zijn opgenomen, worden door de beheerder onmiddellijk verwijderd nadat uit enige omstandigheid is gebleken dat er geen belang meer aanwezig is om nog langer geregistreerd te staan;

  • 2. De verwijdering en eventuele vernietiging van de gegevens geschiedt binnen maximaal twee jaar zodanig dat geen inbreuk wordt gemaakt op de bevoegdheden van de archivaris op grond van de Archiefwet en andere wettelijke voorschriften en met inachtneming van de door de archivaris ter zake gegeven richtlijnen.

Artikel 8 Verstrekking van gegevens

Onverminderd eventuele wettelijke voorschriften worden de persoonsgegevens slechts verstrekt aan:

  • 1.

    degenen, waaronder begrepen derden, die leiding geven aan of belast zijn met de verwerking van persoonsgegevens van de in artikel 3 genoemde categorieën personen of die daarbij noodzakelijk zijn betrokken;

  • 2.

    anderen, in de gevallen bedoeld in artikel 8 onder a, c, d, en e Wbp of artikel 9 lid 3 Wbp (verenigbaar gebruik);

  • 3.

    anderen, in de gevallen bedoeld in artikel 8 onder f Wbp, voor zover het slechts gegevens betreft als bedoeld in artikel 4 van dit reglement, en nadat het voornemen daartoe aan betrokkene is medegedeeld en deze gedurende een redelijke termijn in de gelegenheid is geweest het recht als bedoeld in artikel 40 of 41 van de Wbp uit te oefenen;

  • 4.

    adviserende instanties: zijnde de GGD, CIZ, woningcorporaties, leden van de urgentiecommissie en de bezwarencommissie Woonruimteverdeling;

  • 5.

    personen, die belast zijn met het (software)onderhoud van de registratie, voor zover hun werkzaamheden de toegang vereisen.

Artikel 9 Toegang tot persoonsgegevens

  • 1. Onverminderd eventuele wettelijke voorschriften ter zake hebben slechts toegang tot de persoonsgegevens:

    • a.

      degenen, waaronder begrepen derden, die zijn belast met of leiding geven aan de activiteiten die in verband met de verwerking van de gegevens of die daarbij noodzakelijk zijn betrokken;

    • b.

      anderen, in gevallen als bedoeld in artikel 8 onder a, c en d en artikel 9 lid 3 van de Wbp;

  • 2. Degenen genoemd in lid 1 sub a dienen zich te registreren in het gebruikersbestand Woonruimteverdeling en Urgentieverklaring.

Artikel 10 Protocolplicht

1.Van het verstrekken van gegevens als bedoeld in artikel 8, houdt de beheerder een protocol bij waarin wordt vermeld aan wie en op welk tijdstip, welke persoonsgegevens zijn verstrekt;

Artikel 11 Beveiliging en geheimhouding

1.Het samenwerkingsorgaan Holland Rijnland draagt zorg voor passende technische en organisatorische maatregelen ter voorkoming van verlies of onrechtmatige verwerking van persoonsgegevens.

Deze maatregelen garanderen, rekening houdend met de stand der techniek en de kosten van de tenuitvoerlegging, een passend beveiligingsniveau, gelet op de risico’s die de verwerking en de aard van de te beschermen gegevens met zich meebrengen. De maatregelen zijn er mede op gericht onnodige verzameling en verdere verwerking van persoonsgegevens te voorkomen.

2.De gebruikers die de beschikking krijgen over persoonsgegevens waarvan zij het vertrouwelijke karakter kennen of redelijkerwijs kunnen vermoeden en voor wie niet reeds uit hoofde van beroep, functie of wettelijk voorschrift ter zake van de persoonsgegevens een geheimhoudingsplicht geldt, zijn verplicht tot geheimhouding daarvan. Dit geldt niet indien enig wettelijk voorschrift hen tot bekendmaking verplicht of uit hun taak bij de uitvoering van dit reglement de noodzaak tot bekendmaking voortvloeit.

Artikel 12 Informatieplicht

In overeenstemming met artikel 34 lid 5 Wbp informeert het samenwerkingsorgaan Holland Rijnland de betrokkene op diens verzoek over de persoonsgegevens die worden verwerkt, met welk doel dat gebeurt, op welke wettelijke grondslag de verwerking is gebaseerd en aan wie de gegevens worden verstrekt.

Artikel 13 Rechten betrokkene(n): inzage, correctie, verzet

  • 1. Elke betrokkene heeft het recht op inzage. Aan een verzoek om inzage kunnen kosten worden verbonden.

  • 2. Een verzoek om inzage dient te worden gericht aan het samenwerkingsorgaan Holland Rijnland, die binnen vier weken na ontvangst van dit verzoek hierop schriftelijk reageert.

  • 3. Indien de betrokkene bij het samenwerkingsorgaan Holland Rijnland aantoont dat bepaalde opgenomen gegevens onjuist c.q. onvolledig zijn, gezien de doelstelling van het systeem niet ter zake doen, of strijdig zijn met dit reglement, draagt het samenwerkingsorgaan Holland Rijnland binnen vier weken nadat betrokkene de onjuistheid c.q. onvolledigheid heeft aangetoond, zorg voor verbetering, aanvulling of verwijdering. In dat geval worden de eventueel door betrokkene betaalde kosten terugbetaald.

  • 4. Indien het samenwerkingsorgaan Holland Rijnland twijfelt aan de identiteit van de verzoeker, vraagt hij zo spoedig mogelijk aan de verzoeker schriftelijk nadere gegevens inzake zijn identiteit te verstrekken of een geldig identiteitsbewijs te overleggen. Door dit verzoek wordt de termijn opgeschort tot het tijdstip dat het gevraagde bewijs is geleverd.

Artikel 14 Klacht en/of bezwaar

  • 1. Indien de betrokkene van mening is dat het samenwerkingsorgaan Holland Rijnland niet handelt in overeenstemming met de bepalingen van dit reglement, kan hij zich tot de laatste wenden en een klacht en/of bezwaar als bedoeld in de Algemene wet bestuursrecht indienen .

  • 2. Indien de ingediende klacht voor de betrokkene niet leidt tot een voor hem acceptabel resultaat, kan hij zich wenden tot het College Bescherming Persoonsgegevens.

  • 3. Tegen een beslissing op bezwaar staat conform de Algemene wet bestuursrecht beroep open.

Artikel 15 Onvoorzien

In gevallen waarin het reglement niet voorziet beslist de verantwoordelijke.

Artikel 16 Slotbepaling

Dit reglement kan aangehaald worden als "Privacyreglement Woonruimteverdeling Holland Rijnland" en treedt in werking op de eerste dag van de maand volgend op de datum van publicatie.

Ondertekening

Aldus vastgesteld in de vergadering van het Dagelijks Bestuur van Holland Rijnland, d.d. 3 december 2010.
De secretaris, De voorzitter,
R.van Netten H.J.J. Lenferink

Toelichting

Privacyreglement woonruimteverdeling Holland Rijnland

Het samenwerkingsorgaan Holland Rijnland verwerkt ten behoeve van de woonruimteverdeling (waaronder begrepen aanvragen om urgentieaanvragen) binnen de regio persoonsgegevens.

Algemene normen

De Wet bescherming persoonsgegevens ("Wbp") vereist dat deze gegevens worden verwerkt:

• op behoorlijke en zorgvuldige wijze; en

• in overeenstemming met de wet.

Indien het samenwerkingsorgaan gegevens van personen niet behoorlijk en zorgvuldig worden verwerkt, wordt in strijd met de algemene beginselen van behoorlijk bestuur gehandeld.

Van belang bij de verwerking van persoonsgegevens is dat:

  • -

    de persoonlijke levenssfeer wordt beschermd tegen misbruik en onjuistheden;

  • -

    de persoonsgegevens niet voor een ander doel wordt gebruikt;

  • -

    de rechten van de geregistreerde zijn gewaarborgd;

  • -

    deze noodzakelijk is voor de uitvoering van de Verordening. Anders gezegd, het moet redelijkerwijs niet goed mogelijk zijn deze taken uit te voeren zonder het verwerken van persoonsgegevens.

Het samenwerkingsorgaan hanteert een privacyreglement, te weten het "Privacyreglement Woonruimteverdeling Holland Rijnland". Hierin wordt nader ingegaan op het doel van de gegevensverwerking (artikel 2), de vraag welke persoonsgegevens worden verwerkt (artikel 4) en de verstrekking van en toegang tot persoonsgegevens (artikel 8 en 9). Voorts bevat het reglement richtlijnen ten aanzien van de beveiliging en geheimhouding (artikel 11), de informatieplicht (artikel 12), de rechten van betrokkenen (artikel 13), alsmede de bewaartermijn (artikel 7) en de mogelijkheid een klacht of bezwaar in te dienen (artikel 14).

Voor welke doelen worden de persoonsgegevens verwerkt? (artikel 2)

De verwerking van persoonsgegevens heeft tot doel het op zorgvuldige wijze afhandelen klachten en bezwaarschriften op het terrein van woonruimteverdeling en van aanvragen om een (stadsvernieuwing)urgentieverklaring.

Elke handeling met betrekking tot persoonsgegevens is een verwerking van persoonsgegevens. Hieronder valt onder andere: verzamelen, vastleggen, ordenen, bewaren, wijzigen, opvragen, raadplegen, gebruiken, verstrekking door middel van doorzending, verspreiden/ter beschikking stellen, samenbrengen, afschermen. Het is op grond van de Wbp en artikel 2 van het reglement in beginsel niet toegestaan persoonsgegevens voor andere doelen dan hiervoor vermeld te verwerken. Anders gezegd, er mogen alleen persoonsgegevens worden verwerkt indien dat noodzakelijk is voor de uitvoering van de Huisvestingsverordening.

Welke persoonsgegevens worden verwerkt? (artikel 4)

-Het samenwerkingsorgaan kan op grond van de Wbp en artikel 3 van het reglement alleen persoonsgegevens verwerken van indieners van klachten en/of bezwaarschriften en aanvragers van een (stadsvernieuwing)urgentie.

Door wie worden de persoonsgegevens gebruikt en aan wie verstrekt het samenwerkingsorgaan deze gegevens? (artikel 8)

Toegang tot persoonsgegevens hebben in de eerste plaats de beheerder en gebruikers, zijnde degene die de dagelijkse werkzaamheden verrichten op het gebied van woonruimteverdeling, te weten de secretaris en plaatsvervangend secretaris van de Urgentiecommissie Woonruimteverdeling alsmede degenen die hen daarbij administratief ondersteunen.

De onder lid 4 genoemde personen dienen toegang te hebben tot de persoonsgegevens om de hun opgedragen taken op een goede wijze te kunnen vervullen.

Het samenwerkingsorgaan kan persoonsgegevens aan derden verstrekken, indien de persoon wiens persoonsgegevens het betreft hiervoor (i) ondubbelzinnig toestemming heeft verleend, (ii) het noodzakelijk is ter vrijwaring van het vitaal belang (b.v. dringende medische noodzaak van de betrokkene, (iii) het samenwerkingsorgaan dit moet doen op grond van een wettelijke verplichting of (iv) de gegevensverwerking noodzakelijk is voor de goede vervulling van een publiekrechtelijke taak (artikel 8 onder a, c, d en e Wbp).

De gegevens mogen ook worden gebruikt voor een ander doel dan waarvoor ze zijn verzameld. Dat mag niet plaatsvinden op een wijze die onverenigbaar is met het doel waarvoor de gegevens zijn verzameld (artikel 9 Wbp). Een bijzondere regeling geldt voor de verdere verwerking voor historische, statistische of wetenschappelijke doeleinden (artikel 9 lid 3 Wbp). Een dergelijke verwerking wordt niet als onverenigbaar beschouwd.

In het kader van historisch, statistisch of wetenschappelijk onderzoek is het ook zonder specifieke toestemming van de betrokkenen mogelijk hun persoonsgegevens aan derden te verstrekken. Wel geldt dan dat die gegevens niet tot specifieke personen herleidbare mogen zijn en het samenwerkingsorgaan de nodige voorzieningen heeft getroffen om te kunnen waarborgen dat een verdere verwerking door die personen uitsluitend geschiedt ten behoeve van het desbetreffende onderzoek.

Persoonsgegevens mogen ook aan anderen worden verstrekt in het geval dit noodzakelijk is voor de behartiging van het gerechtvaardigd belang (b.v. een goede bedrijfsvoering) van het samenwerkingsorgaan of een derde aan wie de gegevens worden verstrekt tenzij het de belangen of de fundamentele rechten van de betrokkene (bijvoorbeeld bescherming van persoonlijke levenssfeer) prevaleren (artikel 8 onder f Wbp). Het voornemen daartoe zal aan de betrokkene medegedeeld moeten zijn en de betrokkene dient in de gelegenheid zijn gesteld het recht van verzet (artikel 40, 41 Wpb) uit te oefenen.

Draagt het samenwerkingsorgaan zorg voor beveiliging en geheimhouding? (artikel 11)

Het samenwerkingsorgaan draagt er zorg voor dat hij alle passende adequate technische en organisatorische maatregelen neemt die verlies of onrechtmatige verwerking van persoonsgegevens voorkomen en die een onnodige verzameling en verdere verwerking van persoonsgegevens tegengaan. Elke medewerker van het samenwerkingsorgaan die persoonsgegevens verwerkt dient het vertrouwelijke karakter ervan te onderkennen en is in beginsel verplicht tot geheimhouding daarvan.

Informatieplicht (art. 12)

De Wbp schrijft in artikel 34 voor dat indien persoongegevens van een derde worden verkregen, betrokkene dient te worden geïnformeerd. Het informeren van betrokkene hoeft niet plaats te vinden als de gegevens worden vastgelegd of verwerkt op grond van een wettelijke plicht (artikel 34 lid 5 Wpb). In dat geval dient de betrokkene op diens verzoek te worden geïnformeerd over het wettelijk voorschrift dat tot de vastlegging of verstrekking van de gegevens heeft geleid.

Heeft een betrokkene recht op inzage in zijn gegevens? (artikel 13)

Op verzoek van een betrokkene informeert het samenwerkingsorgaan hem over (de inhoud van) de persoonsgegevens die worden verwerkt, met welk doel dat gebeurt, op welke wettelijke grondslag de verwerking is gebaseerd en aan wie zijn/haar gegevens worden verstrekt. Een verzoek om inzage moet binnen 4 weken schriftelijk worden beantwoord.

Indien de gegevens feitelijk onjuist zijn, onvolledig of niet ter zake dienend zijn voor het doel waarvoor ze worden verwerkt of op andere wijze in strijd zijn met de Wpb of het reglement zijn verwerkt, dan kan betrokkene om correctie verzoeken. Correctie houdt in verbeteren, aanvullen, verwijderen, afschermen of op een andere manier er voor zorgen dat de onjuiste gegevens niet langer worden gebruikt. Het samenwerkingsorgaan dient binnen 4 weken schriftelijk aan te geven of, en in hoeverre aan het correctieverzoek zal worden voldaan.

Ingeval van correctie dienen derden aan wie de (onjuiste) gegevens van de betrokkene in een eerder stadium zijn verstrekt, van de wijzigingen op de hoogte te worden gesteld.

Kan een betrokkene klagen, bezwaar aantekenen, dan wel zich verzetten tegen de verwerking van zijn persoonsgegevens? (artikel 14)

Indien een betrokkene van mening is dat het samenwerkingsorgaan niet handelt conform de Wbp kan hij zich tot het samenwerkingsorgaan wenden en een klacht en/of bezwaar indienen. Als de afhandeling van de klacht niet leidt tot een voor betrokkenen acceptabel resultaat, kan de betrokkenen zich wenden tot het College Bescherming Persoonsgegevens. Tegen een beslissing op bezwaar staat conform de Algemene wet bestuursrecht beroep open.

Een betrokkene heeft ook het recht van verzet als het verwerken van zijn persoonsgegevens plaatsvindt op de grondslag dat de verwerking noodzakelijk is voor de goede vervulling van een publieksrechtelijke taak of noodzakelijk is voor een gerechtvaardigd belang van het samenwerkingsorgaan of een derde. De betrokkene kan tegen een verwerking op basis van deze grondslagen verzet aantekenen in verband met zijn bijzondere persoonlijke omstandigheden (artikel 40 en 41 Wbp). Het samenwerkingsorgaan moet binnen vier weken het verzet beoordelen of het terecht is. Is dit het geval dan moet de verwerking onmiddellijk worden beëindigd. Voor het in behandeling nemen van het verzet kan een vergoeding worden gevraagd die niet hoger mag zijn dan een door de regering vast te stellen bedrag. Het samenwerkingsorgaan moet de vergoeding teruggeven als het verzet gegrond is.

* * *