Besluit van Provinciale Staten van de provincie Noord-Holland houdende regels omtrent Luchthaven MLA Middenmee (Luchthavenregeling MLA Middenmeer)

Geldend van 28-07-2021 t/m heden

Intitulé

Besluit van Provinciale Staten van de provincie Noord-Holland houdende regels omtrent Luchthaven MLA Middenmee (Luchthavenregeling MLA Middenmeer)

Provinciale Staten van Noord-Holland;

Besluiten vast te stellen:

Luchthavenregeling MLA Middenmee

Artikel 1 Algemeen

In deze luchthavenregeling wordt verstaan onder:

  • a.

    EASA: European Aviation Safety Agency

  • b.

    Exploitant: de houder van een luchthavenregeling;

  • c.

    Gebruiker: een natuurlijke of rechtspersoon die vluchten uitvoert, niet zijnde een luchtvaartmaatschappij;

  • d.

    Luchthavengebied: het gebied dat bestemd is voor gebruik als luchthaven;

  • e.

    Luchthaven: een terrein als bedoeld in artikel 1, lid 1, van de Wet luchtvaart;

  • f.

    Lichte vliegtuigen: tot een MTOW van 890 kg zoals vermeld in de Regeling veilig gebruik luchthaven en andere terreinen

  • g.

    PS: college van provinciale staten van Noord-Holland;

  • h.

    Besluit: Besluit Burgerluchthavens;

  • i.

    Regeling: de Regeling burgerluchthavens;

  • j.

    Rvglt: Regeling veilig gebruik luchthavens en andere terreinen;

  • k.

    UDP: Uniforme daglicht periode als bedoeld in artikel 1 van het Luchtverkeersreglement;

  • l.

    Wet: de Wet luchtvaart.

Artikel 2

De exploitant van de luchthaven is de heer J. van der Beek, gevestigd aan de Flevoweg 1 te Middenmeer.

Artikel 3

Deze luchthavenregeling is van toepassing op de luchthaven aan de Flevoweg 1 te Middenmeer, gemeente Wieringermeer, geografische positie 52˚48’57’’ N 005˚01’22’’ E zoals aangegeven op de bij deze luchthavenregeling behorende kaart (bijlage 1).

Artikel 4

Van de luchthaven mag uitsluitend gebruik worden gemaakt door de exploitant van de luchthaven en gebruiker.

Artikel 5 Regels voor het luchthavenluchtverkeer

  • 1. Onverminderd de bepalingen uit de Wet, het Besluit en de Rvglt, mag de luchthaven uitsluitend worden gebruikt voor vluchten met lichte vliegtuigen.

  • 2. Het maximaal aantal toegestane vliegtuigbewegingen (vtb’s) per gebruiksjaar is 14.750 waarbij deze als volgt zijn verdeeld: 12.000 vliegtuigbewegingen (vtb’s) voor MLA-vluchten en 2.750 vluchten voor Light Sports Aircrafts (LSA) of Very Light Aicrafts (VLA).

  • 3. Het gebruik of doen gebruiken van de luchthaven is alleen toegestaan binnen de UDP.

Artikel 6 Rapportageverplichting

  • Het gebruiksjaar betreft de periode van 1 januari tot en met 31 december.

Artikel 7

  • 1. Binnen vier weken na het einde van elk van de vier kalenderkwartalen overlegt de exploitant aan PS een rapportage over het gebruik van de luchthaven gedurende het betreffende kwartaal.

  • 2. Binnen vier weken na het einde van een gebruiksjaar overlegt de exploitant een rapportage over het gebruik van de luchthaven gedurende het gebruiksjaar.

  • 3. De inhoud van de rapportage bevat in ieder geval de aantallen vluchten, het baangebruik, het type en registratie van vluchten met lichte vliegtuigen en de bijbehorende data en tijdstippen.

Artikel 8 Inwerkingtreding

Deze luchthavenregeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het provinciaal blad waarin zij wordt geplaatst en nadat de verklaring als bedoeld in artikel 8.49 van de Wet luchtvaart is verkregen van de minister van Infrastructuur en Milieu.

Artikel 9 Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als ‘Luchthavenregeling Middenmeer’.

Ondertekening

Haarlem, 4 februari 2013
Provinciale Staten van Noord-Holland
J.W. Remkes, voorzitter
J.J.M. Vrijburg, griffier

TOELICHTING

ALGEMEEN:

·Onderwerpluchthavenregeling

Op 1 november 2009 is de wet ‘Regelgeving Burgerluchthavens en Militaire Luchthavens - RBML’ inwerking getreden en zijn de provincies bevoegd om beslissingen te nemen over het ‘landzijdige’ gebruik van het luchthavengebied. Hieronder vallen de milieugebruiksruimte (geluid, externe veiligheid, aantal vliegtuigbewegingen) en de ruimtelijke indeling. Ook de handhaving van de besluiten met betrekking tot ‘landzijdige’ aspecten is een provinciale verantwoordelijkheid. De invulling van deze nieuwe bevoegdheid door de provincie omvat het opstellen en handhaven van luchthavenbesluiten, luchthavenregelingen en ontheffingen voor luchtvaartactiviteiten van tijdelijke en uitzonderlijke aard. De ‘luchtzijdige’ aspecten (oftewel het luchtruimgebruik en alle veiligheidsaspecten) blijven een Rijksverantwoordelijkheid, vallend onder de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT).

Deze luchthavenregeling betreft de luchthaven met een grasbaan gelegen aan de Flevoweg 1 te Middenmeer, bestaande uit percelen die kadastraal bekend zijn onder: Wieringermeer ged. sectie H306, H304 en H303 met een totale afmeting van circa 600 m bij 30 m, onderdeel uitmakend van agrarisch terrein.

·Vergunningsituatie

De exploitant is in het bezit van een ontheffing op grond van artikel 14 Luchtvaartwet ten behoeve van MLA vliegen. Deze ontheffing is op 13 maart 2003 afgegeven door de voormalige Inspectie Verkeer en Waterstaat (IVW). Op 25 april 2008 heeft IVW deze ontheffing herzien in verband met de geldigheidsduur en bepaald dat de ontheffing geldig zou zijn tot 30 april 2011.

Op grond van de RBML dient deze ontheffing omgezet te worden in een luchthavenregeling op grond van de Wet luchtvaart. Op grond va het overgangsrecht (artikel IX, lid 3, Wet Luchtvaart) behouden de in het verleden door IVW afgegeven ontheffingen artikel 14 Luchtvaartwet hun geldigheid totdat PS een luchthavenregeling hebben vastgesteld.

PROCEDURE

De ontwerp-luchthavenregeling MLA Middenmeer heeft van 29 juli 2011 tot 9 september 2011 ter inzage gelegen. Tegen de ontwerp-luchthavenregeling is namens de maatschap Jacob Kies, Medemblikkerweg 13 te Wieringerwerf een zienswijze ingediend. Voor de inhoud van de zienswijze verwijzen wij naar de Nota van beantwoording.

BELEIDSOVERWEGINGEN

·Toetsingaanonsprovinciaalluchtvaartbeleid

De Provincie Noord-Holland is bevoegd luchthavenbesluiten of luchthavenregelingen vast te stellen voor de bestaande luchthavens voor de kleine en recreatieve luchtvaart. Aanvragen voor nieuwe luchthavens voor de gemotoriseerde kleine luchtvaart zullen worden getoetst aan de Provinciale beleidsnota Regionale Luchthavens.

Met de onderhavige luchthavenregeling geven PS invulling aan deze bevoegdheid.

·Beleid t.a.v. bestaande en nieuwe regionale luchthavens

In haar luchtvaartbeleid heeft Provincie Noord-Holland vastgelegd dat vooralsnog kan worden volstaan met de gebruiksmogelijkheden die e bestaande luchthavens bieden . Zij neemt daarom een terughoudende houding aan waar het gaat om nieuwe initiatieven ten aanzien van uitbreiding; deze dienen vanuit de sector te komen.

Specifiek voor MLA-vliegen is het uitgangspunt dat de hinder niet toeneemt boven de huidige toegestane niveaus. De activiteiten dienen te voldoen aan de randvoorwaarden uit de vigerende RBML regelgeving. Daarnaast zijn de overige aanvullende voorwaarden (beperkingen vanuit het ruimtelijk beleid) van toepassing.

Conclusie toetsing aan beleid:

De onderhavige luchthavenregeling betreft een bestaande luchtvaartactiviteit met een recreatieve functie. Volgens het besluit van 30 september 2009 (staatsblad 2009-412) houdende regels voor burgerluchthavens (Besluit burgerluchthavens), hoofdstuk 2 artikel 5, lid 2 onder c volstaat voor de onderhavige activiteiten in ieder geval een luchthavenregeling. Gelet op de aard van het verkeer (MLA-vliegen) dat van deze luchthaven gebruik wordt gemaakt, zullen de 56 dB(A) LDEN contour en de 10-6 Plaatsgebonden Risicocontour niet buiten de grenzen van het luchthavengebied komen te liggen en derhalve kunnen nadere berekeningen achterwege blijven.Een nadere toets met betrekking tot de aspecten geluid en externe veiligheid komt daarmee te vervallen.

Op grond van het Besluit burgerluchthavens wordt het bestaande MLA-vliegen omgezet in een luchthavenregeling en wordt deze activiteit in overeenstemming gebracht met de vigerende regelgeving. Gezien het feit dat het een voorzetting van een bestaande activiteit betreft en het bestemmingsplan zich hier niet tegen verzet, past de luchthaven binnen het provinciale luchtvaartbeleid. De luchthavenregeling kan derhalve worden vastgesteld.

EINDCONCLUSIE

Het vaststellen van deze luchthavenregeling is in overeenstemming met de geldende wet -en regelgeving en met het bepaalde in het Provinciale beleidsnota Regionale Luchthavens.

Bijlage 1: Gebiedskaart

foto

Contouren voor geluid en externe veiligheid (plaatsgebonden risico)

foto