Ondersteuningsregeling sanering lozingen buitengebied Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier 2004

Geldend van 01-01-2008 t/m 01-01-2010

Intitulé

Ondersteuningsregeling sanering lozingen buitengebied Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier 2004

Ondersteuningsregeling sanering lozingen buitengebied Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier 2004

Artikel 1: begripsomschrijvingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • a.

    a. buitengebied: het gebied binnen de gemeentegrenzen dat niet is gelegen binnen de bebouwde kom van een gemeente;

  • b.

    het Hoogheemraadschap: het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier;

  • c.

    het college: het college van dijkgraaf en hoogheemraden van het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier;

  • d.

    gemeente: binnen het beheersgebied van het hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier gelegen gemeenten;

  • e.

    provincie: Provincie Noord-Holland;

  • f.

    provinciaal beleid: het beleid met betrekking tot sanering van ongezuiverde lozingen in het buitengebied zoals neergelegd in de provinciale nota, d.d. juni 2002, ‘Afvalwaterlozingen in het buitengebied’;

  • g.

    riolering: het inzamelings- en transportsysteem voor afvalwater, bestaande uit ondermeer ontvangputten, buizen en persleidingen, dat loopt van lozer naar rioolwaterzuiveringsinrichting (RWZI);

  • h.

    IBA: systeem voor Individuele Behandeling van Afvalwater (IBA II en IBA III). De IBA’s kunnen per perceel afzonderlijk of per cluster percelen (zogenaamde groeps-IBA) worden geïnstalleerd;

  • i.

    omslagpunt: een financiële grens om de systeemkeuze tussen riolering of VST in het niet kwetsbare gebied te kunnen vaststellen;

  • j.

    VST: verbeterde septictank; ondergrondse opvangtank die op biologische wijze afvalwater enigszins afbreekt en het enigszins gezuiverde afvalwater loost in de bodem of in oppervlaktewater. De moderne septictanks die voldoen aan de bepalingen van het Lozingenbesluit Bodembescherming en het Lozingenbesluit Wvo Huishoudelijk Afvalwater worden verbeterde septictanks genoemd. De bestaande niet-verbeterde septictanks voldoen niet aan deze regels.

  • k.

    voorziening/systemen: technische voorzieningen waarmee afvalwater ingezameld en getransporteerd kan worden naar de RWZI (riolering of ophaalsysteem) of waarmee afvalwater zodoende gezuiverd kan worden dat het afvalwater dat resteert geloosd kan worden (IBA of VST);

  • l.

    lozer: een particulier huishouden dat afvalwater loost;

  • m.

    lozing: het in het oppervlaktewater brengen van afvalwater met behulp van een werk, met uitzondering van een werk dat op een ander werk is aangesloten, of op een andere wijze dan met behulp van een werk;

  • n.

    afvalwater: water dat afvalstoffen, verontreinigde of schadelijke stoffen bevat;

  • o.

    kwetsbare en zeer kwetsbare gebieden: gedeelten van de buitengebieden die als zodanig zijn aangegeven bij het provinciaal beleid;

  • p.

    sanering: het gaan leiden van afvalwater door een voorziening waarmee de nadelige gevolgen van een lozing voor de kwaliteit van het oppervlaktewater zoveel mogelijk worden voorkomen;

Artikel 2: bevoegdheden

Het college is bevoegd tot verstrekking van bijdrages als bedoeld in deze regeling.

Artikel 3: doelgroep

Voor een bijdrage op grond van deze regeling komen uitsluitend gemeenten in aanmerking.

Artikel 4: toewijzingsciteria
  • Lid 1 ondersteuningsbijdrage riolering

  • De bijdrage wordt uitsluitend verstrekt in de kosten die zijn verbonden aan de aanleg van riolering als op basis van provinciaal beleid de aanleg van een IBA volstaat.

  • Lid 2 ondersteuningsbijdrage IBA’s

  • Een bijdrage wordt uitsluitend verstrekt voor de aanleg van een IBA klasse II of III als op basis van provinciaal beleid een VST volstaat.

Artikel 5: omschrijving van de bijdrage
  • Lid 1 ondersteuningsbijdrage riolering

  • De bijdrage per aangesloten perceel wordt in een later stadium in overleg met de Vereniging van Noord-Hollandse gemeenten door het Hoogheemraadschap vastgesteld.

  • Lid 2 ondersteuningsbijdrage IBA’s

  • De bijdrage houdt in dat het Hoogheemraadschap bereid is het beheer en onderhoud van de IBA over te nemen op basis van de condities zoals omschreven in de bestuursovereenkomst en het provinciaal beleid.

Artikel 6: aanvraag
  • Lid 1

  • Een aanvraag wordt schriftelijk ingediend bij het Hoogheemraadschap uiterlijk 6 maanden na voltooiing van de aanleg van de voorziening.

  • Lid 2

  • Bij de aanvraag dienen de volgende gegevens en bescheiden te worden verstrekt c.q. overlegd:

    • a.

      het tijdstip waarop de voorziening is aangelegd;

    • b.

      een omschrijving van de voorziening;

    • c.

      een specificatie van de kosten die zijn verbonden aan de aanschaf en aanleg van de voorziening, inclusief nota’s en betaalbewijzen.

Artikel 7: vaststelling

Het college beslist binnen 13 weken na ontvangst van de aanvraag over toekenning van de bijdrage.

Artikel 8: hardheidsclausule

Het college kan in bijzondere gevallen afwijken van een of meer bepalingen van deze regeling.

Artikel 9: inwerkingtreding

Deze regeling treedt in werking op de achtste dag na de datum van bekendmaking en geldt met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2004.

Artikel 10: citeertitel

Deze regeling kan worden aangehaald als: Ondersteuningsregeling sanering lozingen buitengebied Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier 2004.

Artikel 11: werkingsduur

Deze regeling vervalt op 1 januari 2010.

Toelichting

Algemeen

Op grond van het Lozingenbesluit Wvo Huishoudelijk Afvalwater (hierna te noemen ‘Lozingbesluit’) dienen de ongezuiverde lozingen van huishoudelijk afvalwater (uit percelen en woonboten in de buitengebieden van de gemeenten) op het oppervlaktewater uiterlijk op 1 januari 2005 te zijn gesaneerd door de aanleg van riolering of door gebruikmaking van alternatieve methoden, zoals systemen van individuele afvalwaterbehandeling (IBA’s). Het betreft hier de zgn. beperkte, bestaande lozingen, d.w.z. de lozingen van 10 inwonerequivalenten of minder die al plaatsvonden vóór het tijdstip van inwerkingtreding van genoemd lozingenbesluit, te weten 1 maart 1997.

De wet Milieubeheer bepaalt, dat elke gemeente een zorgplicht heeft voor het doelmatig inzamelen en transporteren van afvalwater dat binnen haar grondgebied vrijkomt (zorgplicht riolering). Op verzoek van Burgemeester en Wethouders kunnen Gedeputeerde Staten van deze verplichting voor een bepaalde periode ontheffing verlenen voor het niet rioleren van (delen van) het buitengebied van de gemeente. Als een dergelijke ontheffing wordt verleend dienen op grond van genoemd lozingenbesluit uiterlijk op 1 januari 2005 maatregelen te worden getroffen om te bereiken, dat de ongezuiverde lozingen van huishoudelijk afvalwater op het oppervlaktewater in bedoeld gebied met gebruikmaking van bedoelde alternatieve systemen worden gesaneerd.

Op 13 maart 2002 hebben de provincie Noord-Holland, het voormalig Hoogheemraadschap van Uitwaterende Sluizen in Hollands Noorderkwartier (hierna  te noemen USHN), het Hoogheemraadschap Amstel, Gooi en Vecht en de Vereniging van Noord-Hollandse Gemeenten de bestuursovereenkomst “Sanering ongezuiverde lozingen van huishoudelijke aard naar het oppervlaktewater in het buitengebied van Noord-Holland” gesloten.

Als uitvloeisel van deze overeenkomst hebben Gedeputeerde Staten in juni 2002 de nota “Beleidsregels voor het verlenen van ontheffing van de zorgplicht riolering” vastgesteld. In genoemde bestuursovereenkomst (zie de artikelen 3 en 4 van die overeenkomst) en nota is onder andere vastgelegd op welke wijze de kosten die zijn verbonden aan het aanleggen van IBA’s in de zgn. kwetsbare en zeer kwetsbare gebieden, worden verdeeld tussen de  gemeenten, de oppervlaktewaterkwaliteitsbeheerders en de provincie. Bedoelde kostenverdeling is het resultaat van lange en moeizame onderhandelingen tussen de betrokken partijen.

In de vergadering van 2 augustus 2000 heeft het bestuur van USHN besloten bij te dragen in de kosten voor de sanering van ongezuiverde lozingen in het buitengebied zoals vastgesteld in de bestuursovereenkomst. Dit is verwoord in de Bijdrageregeling aanleg IBA’s Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier 2004.

Tevens is besloten financieel bij te dragen in de aanleg van riolering door gemeenten als zij op basis van de bestuursovereenkomst verplicht zijn tot aanleg van een IBA klasse II en III.

Daarnaast overweegt een aantal gemeenten in situaties waar op basis van deze bestuursovereenkomst ten minste een verbeterde septic tank (VST) voorgeschreven is , toch te kiezen voor een systeem met een hoger rendement (IBA  klasse II of III) met bijbehorende kosten. Het bestuur van USHN heeft het voorstel aanvaard deze initiatieven te ondersteunen door te besluiten dat deze voorzieningen door het Hoogheemraadschap zullen worden beheerd zoals omschreven in de bestuursovereenkomst

Deze regeling voorziet beide situaties.

Op deze regeling zijn niet de bepalingen uit de subsidietitel van de Awb en de geldende subsidie verordening van het Hoogheemraadschap van toepassing aangezien in art. 4:21 Awb en art. 2 van de Subsidieverordening Uitwaterende Sluizen 1998 wordt bepaald dat de aanspraak op financiële middelen die door een bestuursorgaan worden verstrekt aan een rechtspersoon die krachtens publiekrecht is ingesteld hiervan wordt uitgesloten.

Artikelsgewijs

Hier worden alleen de artikelen besproken die nadere uitleg behoeven.

Artikel 3

In de eerder genoemde bestuursovereenkomst over dit onderwerp is opgenomen dat de gemeenten in Noord-Holland bereid zijn de verantwoordelijkheid voor de aanleg van IBA’s op zich te nemen, en het Hoogheemraadschap bereid is het beheer en onderhoud van de IBA op zich te nemen. Dit uiteraard onder de voorwaarde dat de lozer hiermee instemt en bereid is een bijdrage te leveren in de kosten hiervan.

Artikel 4 en 5

Het hoe en waarom van beide mogelijkheden is hierboven onder ‘algemeen’ reeds beschreven.

Artikel 11

Deze regeling is een instrument om te bevorderen, dat de beperkte, bestaande lozingen van huishoudelijk afvalwater op het oppervlaktewater uiterlijk op 1 januari 2005 zijn gesaneerd. Aangezien voor gemeenten de mogelijkheid bestaat tot 6 maanden na realisatie een verzoek tot bijdrage in te dienen, en op dit moment de feitelijke realisatie nog niet is gestart, is de vervaltermijn van deze regeling bepaald op 1 januari 2007.

Op 10 oktober 2007 heeft het college van hoofdingelanden besloten de werkingsduur van de regeling te verlengen tot 1 januari 2010.

aanpassingwerkingsduuriba-regelingen.pdf (19 Kb)