Gemeenschappelijke regeling archeologie Midden-Delfland

Geldend van 17-03-2004 t/m 31-12-2014

Intitulé

Gemeenschappelijke regeling archeologie Midden-Delfland

De raad, het college van burgemeester en wethouders en de burgemeester van de gemeente Midden-Delfland en Delft, ieder voor zover betreft hun bevoegdheden;

Gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van Midden-Delfland d.d. 27 januari 2004, nr. 2004-04-18;

Gelet op het bepaalde in de Gemeentewet, de Wet gemeenschappelijke regelingen, alsmede de Monumentenwet 1988;

Overwegende dat het wenselijk is dat de gemeente Midden-Delfland, gelet op het kunnen verkrijgen van een vergunning voor het verrichten van opgravingen als bedoeld in artikel 39 van de Monumentenwet 1988, samenwerkt met de gemeente Delft op het gebied van archeologisch onderzoek en het hebben van een depot voor het onderbrengen van vondsten uit opgravingen;

BESLUITEN:

Vast te stellen de navolgende Gemeenschappelijke regeling archeologie Midden-Delfland

Artikel 1 Doel van de regeling

De Gemeenschappelijke regeling heeft tot doel samenwerking tussen de gemeenten Midden-Delfland en Delft op het punt van archeologie van de gemeente Midden-Delfland.

Artikel 2 Taken van de deelnemers

  • 1.

    Het gemeentebestuur van Midden-Delfland draagt zorg voor het navolgende:

    • a.

      benoeming van de archeoloog van Delft tot archeoloog van Midden-Delfland;

    • b.

      het voorzien in de mogelijkheid van een depot, waarin de vondsten die voortkomen uit opgravingen kunnen worden ondergebracht.

  • 2.

    Het gemeentebestuur van Delft draagt zorg voor het navolgende:

    • a.

      de mogelijkheid dat de archeoloog van Delft in voldoende mate archeologische werkzaamheden kan verrichten voor de gemeente Midden-Delfland;

    • b.

      de archeoloog zal voor de duur van gemiddeld 30 dagen per jaar de volgende taken op archeologisch gebied voor de gemeente Midden-Delfland vervullen:

Beleidstaken

  • -

    Het inventariseren van archeologische terreinen binnen de gemeente Midden-Delfland.

  • -

    Het samenstellen van een lijst van beschermde (gemeentelijke) archeologische monumenten en archeologische meldingsgebieden voor de gemeente Midden-Delfland.

  • -

    Het zoveel mogelijk in de bodem behouden van belangrijke archeologische resten en/of ter plaatse op enerlei wijze doen markeren van gevonden constructies.

  • -

    Het adviseren van burgemeester en wethouders inzake archeologische waarden en objecten binnen de gemeente Midden-Delfland.

  • -

    Het melden van nieuwe vondsten en opgravingen aan Archis, het centrale archief van de Rijksdienst voor het Oudheidkundig Bodemonderzoek (artikel 41 Monumentenwet 1988).

Documentatie

  • -

    Het documenteren van archeologische vindplaatsen, vondsten en structuren binnen de gemeente Midden-Delfland.

  • -

    Het toegankelijk maken, bewerken en in goede staat houden van het archeologisch documentatiearchief.

  • -

    Het toegankelijk maken, bewerken en in goede staat houden van het gemeentelijk depot voor archeologische vondsten.

Voorlichting, educatie en publiciteit

  • -

    Het geven van voorlichting aan gemeentelijke diensten, pers, burgerij, scholen, oudheidkundige verenigingen, historici en collega-archeologen betreffende archeologische zaken van de gemeente Midden-Delfland.

  • -

    Het houden van voordrachten, excursies en rondleidingen inzake archeologische onderwerpen betreffende de gemeente Midden-Delfland.

  • -

    Het begeleiden van de in Midden-Delfland op archeologisch terrein actieve oudheidkundige verenigingen.

  • -

    Het begeleiden van exposities betreffende archeologische zaken van de gemeente Midden-Delfland.

    • c.

      het kunnen voorzien in depotruimte, indien de gemeente Midden-Delfland daarin zelf niet of onvoldoende blijkt te kunnen voorzien.

Artikel 3 Financiën

  • 1. Het gemeentebestuur van Midden-Delfland betaalt voor de archeoloog aan het gemeentebestuur van Delft een vast bedrag van € 12.306,52 (• 27.120),- excl. B.T.W. per jaar voor de uitvoering van de werkzaamheden die zijn genoemd in artikel 2, lid 2 sub b. Dit bedrag wordt jaarlijks proportioneel verhoogd aan de hand van de toepasselijke salarisverhoging voor gemeenteambtenaren.

  • 2. Het gemeentebestuur van Midden-Delfland betaalt aan het gemeentebestuur van Delft voor opgravingen projectkosten die gerelateerd zijn aan de aard en de omvang van de te verrichten werkzaamheden.

  • 3. De in het vorige lid genoemde projectkosten worden per project nader overeengekomen.

Artikel 4 Informatie

Vóór 1 mei van elk jaar gedurende de looptijd van deze regeling, wordt het gemeentebestuur van Midden-Delfland door het gemeentebestuur van Delft geïnformeerd over de uitvoering van deze regeling.

Artikel 5 Wijziging en opheffing

  • 1. Deze regeling kan worden gewijzigd dan wel opgeheven na een daartoe strekkend besluit van de raden, de colleges van burgemeester en wethouders en de burgemeesters van de deelnemende gemeenten, ieder voor zover het hun eigen verantwoordelijkheid betreft. Een voorstel tot wijziging kan door elk der deelnemende gemeenten afzonderlijk worden gedaan.

  • 2. De wijziging of opheffing treedt in werking op de dag, volgend op die van opname van de betreffende besluiten in het register als bedoeld in artikel 27, tweede lid van de Wet gemeenschappelijke regelingen, tenzij een later tijdstip is bepaald.

  • 3. Wanneer de deelnemende gemeenten besluiten tot opheffing van de regeling, zal in onderling overleg bezien worden of er sprake is van daaruit voortvloeiende kosten en, zo ja, hoe deze kosten over de deelnemende gemeenten verdeeld moeten worden.

Artikel 6 Toezending en publicatie

  • 1. Het gemeentebestuur van Delft zendt deze regeling en besluiten tot wijziging en opheffing aan gedeputeerde staten van Zuid-Holland.

  • 2. De besturen van de deelnemende gemeenten dragen op de gebruikelijke wijze, overeenkomstig het bepaalde in artikel 26, tweede lid van de Wet gemeenschappelijke regelingen, zorg voor de bekendmaking van de inwerkingtreding van de regeling of van besluiten tot wijziging, opheffing, toetreding en uittreding.

Artikel 7 Slotbepalingen

  • 1. Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag, volgend op die van opneming in het register als bedoeld in artikel 27, tweede lid, van de Wet gemeenschappelijke regelingen en wordt aangegaan voor onbepaalde tijd.

  • 2. Deze regeling kan worden aangehaald als: Gemeenschappelijke regeling archeologie Midden-Delfland.

Ondertekening

Aldus besloten in de openbare raadsvergadering d.d. 2 maart 2004
De griffier, de voorzitter,
A. de Vos, drs. J. de Prieëlle
Aldus besloten door het college van Midden-Delfland d.d. 2 maart 2004
De secretaris, de burgemeester (wnm),
P.T. Veenman, drs. J. de Prieëlle
Aldus besloten door de burgemeester d.d. 2 maart 2004
drs. J. de Prieëlle