Beleidsregel uitwegen gemeente Uden

Geldend van 19-04-2012 t/m 09-01-2019

Intitulé

Beleidsregel uitwegen gemeente Uden

Beleidsregels Uitwegen Gemeente Uden

Het College van burgemeester en wethouders

gelet op artikel 108 van de Gemeentewet, artikel 2.12 van de Algemeen Plaatselijke Verordening gemeente Uden, alsmede de artikelen 1:3, vierde lid, en 4:81, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht;

b e s l u i t

vast te stellen de

Artikel 1 Algemene eisen aan uitwegen

  • 1. Het is niet toegestaan een uitweg te hebben of te veranderen, indien hierdoor een openbaar parkeervak komt te vervallen en het niet mogelijk is binnen een straal van 100 meter een ander openbaar parkeervak te realiseren;

  • 2. Het is niet toegestaan een uitweg te hebben of te veranderen indien hierdoor een bushokje, elektriciteitskast, een lichtmast of andere openbare voorziening staat en het niet mogelijk en wenselijk is deze voorziening te verplaatsen dan wel een soortgelijke voorziening binnen de directe omgeving te realiseren;

  • 3. Het is niet toegestaan een uitweg te hebben of te veranderen indien hierdoor een openbare groenvoorziening dan wel een boom komt te vervallen. Indien door het hebben of veranderen van een uitweg een openbare groenvoorziening dan wel een boom komt te vervallen en het belang van de groenvoorziening dan wel boom zich er niet tegen verzet, moet het mogelijk zijn binnen de directe omgeving een soortgelijke voorziening met dezelfde kwaliteit te realiseren;

  • 4. Op een afstand minder dan 10 meter van een kruispunt of rotonde is het niet toegestaan een uitweg aan te leggen, aangezien de verkeersveiligheid in gevaar kan komen. Hierbij wordt gerekend vanaf de hoek, het einde van de bochtstraal, en niet vanaf het hart van het kruispunt of rotonde;

  • 5. Op een locatie waar de aanliggende rijbaan zodanig smal is, dat de uitweg wegens te beperkte manoeuvreerruimte met een personenauto niet of niet goed betreden kan worden, wordt het niet toegestaan een uitweg aan te leggen;

  • 6. In en nabij bochten wordt het niet toegestaan een uitweg aan te leggen, aangezien de verkeersveiligheid in gevaar kan komen;

  • 7. Een uitweg gelegen tegenover een zijstraat wordt niet toegestaan, omdat deze mogelijk door een weggebruiker als vierde tak van het kruispunt kan worden gezien en de verkeersveiligheid in gevaar kan komen;

  • 8. De uitweg brengt de verkeersveiligheid op geen enkele andere wijze dan hierboven genoemd in gevaar.

Artikel 2 Aanvullende eisen

Voor percelen met hoofdfunctie ‘Wonen’ worden de volgende eisen gesteld;

  • -

    Per perceel is één uitweg toegestaan. Alleen als de frontzijde van het perceel aan de openbare ruimte, waar de uitweg op uitkomt, langer is dan 30 meter, kan een tweede uitweg worden toegestaan;

  • -

    De uitweg die voor een woning aangevraagd wordt, is niet breder dan 5 meter inclusief de boogstralen;

    emen

    Voor percelen met hoofdfunctie ‘bedrijf’ worden de volgende eisen gesteld;

    • -

      Indien het bestemmingsplan zich er niet tegen verzet kunnen er voor percelen met een breedte tussen 60 en 120 meter twee uitwegen worden aangelegd. Hetzelfde geldt voor hoekpercelen. Voor percelen met een breedte van meer dan 120 meter kunnen drie uitwegen worden aangelegd;

    • -

      De uitweg die voor een bedrijf aangevraagd wordt, is niet breder dan 15 meter;

    • -

      In gevallen waar belangen van economische bedrijfsvoering aanleiding geven kan er een bredere uitweg worden aangelegd.

Artikel 3 Uitvoering en Kosten

    • Aanleg of verandering van uitwegen op gronden die in beheer dan wel in eigendom van de gemeente zijn worden door of in opdracht van de gemeente aangelegd;

    • Alle kosten die gemoeid zijn met de aanleg of verandering van een uitweg komen voor rekening van de met de aanleg of verandering van de uitweg verband houdende vergunning;

    • Onder die kosten vallen in ieder geval;

  • - het verplaatsen van kolken, verlichting, bebording, nutsvoorzieningen en andere zaken;

  • - de compensatie van vervallen openbare parkeerplaatsen en openbaar groen;

  • - het aanleggen, wijzigen of veranderen van een deel van de uitweg dat zich op gemeentegrond bevindt;

  • - het plaatsen, wijzigen of verwijderen van een duiker;

  • - het onderhoud van de uitweg wanneer deze zelf door de vergunninghouder zelf is aangelegd.

    Aanleg van de uitweg geschiedt na betaling van de bovengenoemde kosten.

Artikel 4 Citeertitel

Deze beleidsregels kunnen worden aangehaald als ‘Beleidsregels uitwegen gemeente Uden’.

Artikel 5 Inwerkingtreding

Deze beleidsregels treden in werking de dag na publicatie

Uden, 25 maart 2012

Burgemeester en wethouders van Uden

mr. J.M. Smarius drs. H.A.G. Hellegers

secretaris burgemeester