regeling kunstcommissie 2011

Geldend van 05-08-2011 t/m heden

Intitulé

regeling kunstcommissie 2011

I Algemene bepalingen

Artikel 1 Taken

De Kunstcommissie adviseert burgemeester en wethouders over de artistieke aspecten van het kunstbeleid met betrekking tot de aankoop, de kunstopdrachten, de aanvaarding en het tentoonstellen van beeldende kunst, in de ruimste zin van het woord. Daarnaast adviseert de Kunstcommissie over het beheer van het gemeentelijk kunstbezit.

II Organisatorische aangelegenheden

Artikel 2 Samenstelling

  • 1.

    De Kunstcommissie bestaat uit drie leden.

  • 2.

    Voor het lidmaatschap komen in aanmerking professionele beeldende kunstenaars, of personen die anderszins beroepsmatig werkzaam zijn op het terrein van beeldende kunst, elk van een andere discipline en die niet woonachtig of werkzaam zijn in de gemeente Velsen. De commissieleden dienen deskundig te zijn op hun vakgebied en oog te hebben voor de ontwikkelingen in de kunsten.

  • 3.

    In geval van opdrachten dienen ten minste twee professionele leden ervaring te hebben met beeldende kunst in opdrachtsituaties.

Artikel 3 Ambtelijke adviseurs

Burgemeester en wethouders kunnen aan de Kunstcommissie een of meer ambtelijke adviseurs toevoegen. Zij stellen de Kunstcommissie binnen 30 dagen van deze aanwijzing schriftelijk in kennis.

Artikel 4 Voorzitter

  • 1.

    De Kunstcommissie kiest uit haar midden een voorzitter. Van dit besluit wordt binnen een maand na installatie mededeling gedaan aan burgemeester en wethouders.

  • 2.

    De voorzitter is belast met:

    • a. het leiden van de vergadering;

    • b. het handhaven van de orde;

    • c. het doen naleven van deze regeling;

    • d. hetgeen deze regeling hem verder opdraagt.

Artikel 5 Secretaris

  • 1.

    De ambtenaar van de afdeling Maatschappelijke Ontwikkeling, belast met het beleidsterrein beeldende kunst treedt op als secretaris van de Kunstcommissie.

  • 2.

    De secretaris is belast met de voorbereiding van de door de Kunstcommissie te behandelen zaken en met de uitvoering van de besluiten van de commissie.

  • 3.

    De secretaris bewaakt het verband tussen de werkzaamheden van de Kunstcommissie en het gemeentelijk beleid.

  • 4.

    De secretaris is geen lid van de raad. Hij heeft een adviserende stem.

Artikel 6 Werkzaamheden voorzitter en secretaris

  • 1.

    De voorzitter en de secretaris bewaken de procedures die de Kunstcommissie bij haar werkzaamheden dient te volgen.

  • 2.

    De voorzitter en de secretaris bewaken de voortgang en afhandeling van eerder door de Kunstcommissie genomen besluiten.

Artikel 7 Zittingsduur en vacatures

  • 1.

    De professionele leden van de Kunstcommissie worden benoemd voor een periode van drie jaar.

  • 2.

    Na deze periode zijn zij terstond herbenoembaar doch ten hoogste voor één termijn.

  • 3.

    In uitzonderingsgevallen kunnen zij nog een tweede maal herbenoemd worden. Het college van burgemeester en wethouders neemt hierover een gemotiveerd besluit.

  • 4.

    In tussentijdse vacatures wordt binnen vier maanden voorzien.

Artikel 8 Vervulling vacature

De vervulling van een vacature voor een lid van de Kunstcommissie verloopt als volgt:

  • 1.

    Het college van burgemeester en wethouders werft via openbare inschrijving kandidaten voor het lidmaatschap.

  • 2.

    Het college van burgemeester en wethouders beslist op voordracht van de Kunstcommissie welke van de geworven kandidaten benoemd wordt/worden.

Artikel 9 Vergaderingen

  • 1.

    De Kunstcommissie vergadert wanneer zij dit nodig acht.

  • 2.

    De leden ontvangen ten minste vijf dagen, spoedeisende gevallen uitgezonderd, voor de vergadering een oproepingsbrief

  • 3.

    De wethouder Kunstzaken wordt voor elke vergadering van de Kunstcommissie uitgenodigd.

Artikel 10 Openbaarheid

  • 1.

    De vergaderingen van de Kunstcommissie zijn openbaar.

  • 2.

    De vergaderingen van de Kunstcommissie zijn besloten, indien onderwerpen aan de orde komen als genoemd in artikel 10 van de Wet Openbaarheid van Bestuur. De commissie beslist hieromtrent.

Artikel 11 Besluitvorming

  • 1.

    De Kunstcommissie kan niet beraadslagen of besluiten, indien niet ten minste de helft der leden aanwezig is.

  • 2.

    Een lid van de Kunstcommissie neemt niet deel aan de stemming voer een aangelegenheid die hem rechtstreeks of middellijk persoonlijk aangaat of waarbij hij als vertegenwoordiger is betrokken.

  • 3.

    De besluiten worden genomen met meerderheid van stemmen. Bij het staken van de stemmen geeft de stem van de voorzitter de doorslag.

  • 4.

    De adviseurs van de Kunstcommissie hebben geen stemrecht.

  • 5.

    Over personen wordt schriftelijk en anoniem gestemd.

III Advisering en verslaglegging

Artikel 12 Het uitbrengen van een advies

1. De Kunstcommissie brengt schriftelijk een met redenen omkleed advies uit omtrent de onderwerpen in haar vergaderingen behandeld. Indien er sprake is van een belang kan bij een advies geheimhouding worden opgelegd aan het college. Bij niet-eenstemmigheid kan, eveneens met redenen omkleed, in het advies mededeling worden gedaan van afwijkende standpunten.

Artikel 13 Afwijken van een advies

Burgemeester en wethouders kunnen slechts bij gemotiveerd besluit afwijken van een advies.

Artikel 14 Verslag

  • 1.

    De secretaris maakt een verslag van de vergadering van de Kunstcommissie.

  • 2.

    De verslagen van de vergaderingen van de Kunstcommissie worden aan burgemeester en wethouders toegezonden. Bovendien liggen de verslagen van de openbare vergaderingen voor een ieder op het stadhuis ter inzage.

  • 3.

    De verslagen en samenvattingen dienen zodanig te worden geredigeerd, dat persoonlijke belangen hierdoor niet worden geschaad.

  • 4.

    De Kunstcommissie brengt jaarlijks voor 1 mei aan burgemeester en wethouders verslag uit van de werkzaamheden van het afgelopen jaar.

IV Overige bepalingen

Artikel 15 Vergoeding

  • 1.

    De leden van de Kunstcommissie genieten een presentiegeld, waarvan het bedrag wordt vastgesteld overeenkomstig de Verordening voorzieningen wethouders, raads- en commissieleden.

  • 2.

    Aan de leden van de Kunstcommissie worden de reiskosten voor het bijwonen van de vergaderingen van de commissie vergoed. De vergoeding betreft:

    • a)

      bij gebruik van openbare middelen van vervoer: een volledige vergoeding van de in redelijkheid gemaakte noodzakelijke reiskosten;

    • b)

      bij gebruik van een eigen vervoermiddel: een vergoeding van de in redelijkheid gemaakte reiskosten overeenkomstig de Verordening voorzieningen wethouders, raads- en commissieleden.

V Slotbepalingen

Artikel 16 Inwerkingtreding

  • 1.

    Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 augustus 2011

  • 2.

    Op hetzelfde tijdstip vervalt de Regeling Kunstcommissie 2003.

Artikel 17 Citeertitel

Deze regeling kan worden aangehaald als “Regeling Kunstcommissie 2011”