Marktverordening Horst aan de Maas

Geldend van 22-07-2011 t/m heden

Intitulé

Marktverordening Horst aan de Maas

raadsbesluit

Bijlage van gemeenteblad 2011, no. 72.

De raad van de gemeente Horst aan de Maas;

gezien het voorstel van burgemeester en wethouders van 6 juni 2011, gemeenteblad 2011, no. 72;

gelet op het bepaalde in de Gemeentewet;

b e s l u i t :

onder intrekking van de “Marktverordening gemeente Horst aan de Maas”, vastgesteld op 12 mei 2009 en de “Marktverordening gemeente Sevenum”, vastgesteld op 11 december 2006,

vast te stellen de: Marktverordening Horst aan de Maas

Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen

Artikel 1 Begripsomschrijvingen

In deze verordening wordt verstaan onder:

markt: de door het college ingestelde warenmarkt die plaatsvindt op de, bij of krachtens artikel 3 vastgestelde dag, tijd en plaats;

standplaats: de ruimte die voor de duur van de markt is aangewezen voor het uitoefenen van de markthandel;

vaste standplaats: de standplaats die voor onbepaalde tijd ter beschikking is gesteld aan een vergunninghouder;

dagplaats: de standplaats die per marktdag ter beschikking wordt gesteld aan een vergunninghouder, omdat deze niet als vaste standplaats is toegewezen dan wel ingenomen;

standwerken: de activiteit waarbij de vergunninghouder publiek om zich heen verzamelt en dat publiek door een aansprekende uiteenzetting probeert over te halen tot de aankoop van één of meer stuks van één artikel;

standwerkerplaats: de standplaats die per marktdag ter beschikking wordt gesteld om te standwerken;

vergunninghouder: degene aan wie door het college vergunning is verleend voor het innemen van een standplaats;

wachtlijst: de lijst van gegadigden voor een vaste standplaats;

vergunninghouderslijst: de lijst van vergunninghouders van een vaste standplaats;

marktmeester: de persoon die als zodanig is aangewezen door het college;

kramenzetter: degene aan wie op grond van artikel 26 toestemming tot het plaatsen van kramen op de markt is verleend;

marktcommissie: een commissie van advies, ingesteld op grond van artikel 4.

branche-indeling: de indeling in artikelgroepen en het aantal vastgestelde vaste plaatsen per artikelengroep;

plaatsverbeteringslijst: de lijst van gegadigden voor een verbetering van de vaste standplaats;

levenspartner: de persoon met wie de vergunninghouder met het oogmerk duurzaam samen te wonen een gemeenschappelijke huishouding voert;

voertuig: vervoermiddel voor vervoer over land van personen en goederen, niet zijnde een caravan of verkoopwagen.

Artikel 2 Inrichting van de markt; branche-indeling

Het college bepaalt ten aanzien van de markt:

  • a.

    het aantal standplaatsen;

  • b.

    de afmetingen van de standplaatsen;

  • c.

    de opstelling en indeling van de markt;

  • d.

    welke standplaatsen worden toegewezen als vaste standplaats en als standwerkerplaats;

  • e.

    de tijden waarop de markt plaatsvindt.

Het college kan voor de markt vaststellen:

  • a.

    een lijst met artikelengroepen of branches;

  • b.

    een maximum aantal meters per branche.

Artikel 3 Dag, tijd en plaats van de markt
  • 1. Het college stelt de data, tijden en plaats van jaarmarkten en/of reguliere marktdagen vast.

    Het college kan op grond van dringende redenen, in afwijking van het eerste lid, bepalen dat de markt tijdelijk zal plaatsvinden:

    • a.

      op een andere dag;

    • b.

      op een andere tijd;

    • c.

      op een andere plaats.

    Het college is bevoegd te bepalen dat de markt tijdelijk zal plaatsvinden op een andere dag, indien de in het eerste lid bedoelde dag samenvalt met een van de in artikel 2, eerste lid, onder b van de Winkeltijdenwet genoemde dagen.

    Valt een marktdag samen met een algemeen erkende, christelijke of nationale feestdag, dan vervalt de markt op die dag. Het college kan de vervallen markt verplaatsen naar een nader door het college aan te wijzen dag;

    Bij bijzondere omstandigheden kan het college het houden van markt, ook op andere dan de hiervoor bedoelde dagen, verbieden. Zo tijdig mogelijk wordt van een wijziging van de markt of het verbod tot het houden van markt openbaar aankondiging gedaan.

Artikel 4 De marktcommissie
  • 1. Het college kan een commissie van advies instellen die tot taak heeft het college te adviseren inzake marktaangelegenheden.

  • 2. Het college kan nadere regels stellen met betrekking tot de samenstelling en werkwijze van deze marktcommissie.

Artikel 5 Nadere regels

Het college is bevoegd nadere regels te stellen betreffende het bepaalde in deze verordening.

Artikel 6 Voorschriften en beperkingen
  • 1. Het college kan voorschriften en beperkingen verbinden aan een krachtens deze verordening verleende vergunning of ontheffing, ter bescherming van de belangen in verband waarmee de vergunning of ontheffing is vereist.

  • 2. Degene aan wie krachtens deze verordening een vergunning of ontheffing is verleend, is verplicht de daaraan verbonden voorschriften en beperkingen in acht te nemen.

Hoofdstuk 2 Vergunningen

Artikel 7 Standplaatsvergunning
  • 1. Het is verboden een standplaats op een markt in te nemen zonder vergunning van het college.

  • 2. Indien sprake is van seizoenproducten kan het college een vastestandplaatsvergunning verlenen voor een bepaald seizoen.

  • 3. Bij wijze van proef kan de marktmeester, voorafgaand aan een vastestandplaatsvergunning, tijdelijk toestemming verlenen voor het innemen van een standplaats op de markt voor een periode van maximaal drie achtereenvolgende maanden. Na deze periode zal worden overgegaan tot het verlenen van een vastestandplaatsvergunning of weigering van een vergunning. Het is niet mogelijk nogmaals tot een verlenging van de toestemming over te gaan.

Artikel 8 Vereisten

Voor toewijzing van een standplaats komt uitsluitend in aanmerking een handelingsbekwaam natuurlijk persoon die de leeftijd van 18 jaar heeft bereikt en een aanvraag voor een vergunning heeft ingediend bij het college.

Artikel 9 Inhoud vastestandplaatsvergunning
  • 1. Een vaste standplaatsvergunning vermeldt in ieder geval:

    • a.

      de naam en voornamen, de geboortedatum en -plaats, het adres en de woonplaats van de vergunninghouder;

    • b.

      de kraam of andere verkoopmaterialen die de vergunninghouder bij het innemen van de standplaats mag gebruiken;

    • c.

      het soort artikelen dat de vergunninghouder mag verhandelen of de branche waartoe de vergunninghouder behoort;

    • d.

      de datum waarop aan de vergunninghouder voor het eerst vergunning is verleend;

    • e.

      dat de vergunninghouder zelf zorg draagt voor de inzameling en afvoer van zijn afval en dat hij zijn standplaats schoon oplevert;

    • f.

      de wijze waarop de vergunninghouder zijn elektriciteit betrekt;

    • g.

      welke geluidsapparatuur op de standplaats is toegestaan; en

    • h.

      welke kook-, bak- en verwarmingsapparatuur zijn toegestaan.

    Aan de vergunning wordt een middel ter identificatie gehecht.

    Indien gebruik wordt gemaakt van de gemeentelijke stroomkasten worden de gemaakte stroomkosten achteraf bij de verbruiker in rekening gebracht.

Artikel 10 Inschrijving op de vergunninghouderslijst

Vergunninghouders van vaste standplaatsen worden ingeschreven op een doorlopend genummerde lijst met vermelding van en in volgorde van de datum waarop aan hen voor het eerst een vaste standplaats is toegewezen. Bij deze inschrijving wordt tevens vermeld de soort artikelen die de vergunninghouder mag verhandelen of de branche waartoe hij behoort.

Artikel 11 Inschrijving op de wachtlijst
  • 1. Het college schrijft de aanvrager op zijn verzoek in op de wachtlijst, indien de aanvrager voor een standplaats voldoet aan het bepaalde in artikel 8, maar aan hem geen vaste plaats kan worden toegewezen en de aanvrager heeft aangegeven dat hij op de wachtlijst wil worden geplaatst.

    Het college vermeldt bij de inschrijving, als bedoeld in het eerste lid, in ieder geval:

    • a.

      de naam en voornamen, het adres en de woonplaats van de aanvrager;

    • b.

      de datum waarop de aanvraag door hem is ontvangen;

    • c.

      de soort artikelen die de aanvrager wil verhandelen of de branche waartoe hij behoort;

    • d.

      de kraam of andere verkoopmaterialen die de aanvrager wil gebruiken.

    Het college verstrekt de aanvrager een schriftelijk bewijs van inschrijving.

    De inschrijving op de wachtlijst blijft gehandhaafd, indien deze door de ingeschrevene jaarlijks voor 1 januari schriftelijk wordt verlengd.

Artikel 12 Overgangsregeling wachtlijst

Er geldt een overgangsregeling van drie jaar voor de wachtlijst welke inhoudt, dat met ingang van 01-06-2012 geen nieuwe aanvragen meer in behandeling worden genomen. Dit betekent dat alle ingeschrevenen op de diverse wachtlijsten, in verband met de afbouw van de wachtlijst, nog maximaal drie jaar blijven ingeschreven. Met ingang van 01-06-2015 verdwijnen de wachtlijsten.

Artikel 13 Doorhalen van inschrijving op wachtlijst

Tot 01-06-2009 wordt de inschrijving op de wachtlijst doorgehaald:

a.indien de ingeschrevene zijn inschrijving niet jaarlijks voor 1 januari heeft verlengd;

op schriftelijk verzoek van de ingeschrevene;

bij overlijden van de ingeschrevene;

wanneer aan de ingeschrevene een vergunning voor een vaste standplaats verleend, tenzij hij deze op grond van bijzondere omstandigheden niet aanvaardt;

indien niet meer aan de vereisten van artikel 8 wordt voldaan.

Artikel 14 Inschrijving op de plaatsverbeteringslijst
  • 1.

    Het college schrijft de aanvrager op zijn verzoek in op de plaatsverbeteringslijst, indien de aanvrager als vergunninghouder de wens te kennen geeft een andere vaste standplaats te willen innemen, waaronder begrepen een verandering van een standplaats of een aanpassing van de afmetingen van de vaste standplaats, dan die nu wordt ingenomen.

  • 2.

    Het college vermeldt bij de inschrijving, als bedoeld in het eerste lid, in ieder geval:

    • a.

      de naam en voornamen, het adres en de woonplaats van de aanvrager;

    • b.

      de datum waarop de aanvraag door hem is ontvangen;

    • c.

      de soort artikelen die de aanvrager wil verhandelen of de branche waartoe hij behoort;

    • d.

      de kraam of andere verkoopmaterialen die de aanvrager wil gebruiken.

Het college verstrekt de aanvrager een schriftelijk bewijs van inschrijving.

De aanvrager kan zich voor maximaal drie alternatieve standplaatsen inschrijven;

De inschrijving op de wachtlijst blijft gehandhaafd, indien deze door de ingeschrevene jaarlijks voor 1 januari schriftelijk wordt verlengd.

Wanneer de aanvrager een aan hem aangeboden standplaats afwijst, ondanks de vermelding op de plaatsverbeteringslijst, wordt de aanvrager direct van de lijst verwijderd.

Artikel 15 Volgorde toewijzing vaste standplaatsen

Indien voor de toewijzing van een beschikbare vaste standplaats meerdere aanvragers in aanmerking komen, wordt de standplaats toegewezen volgens de branche-indeling, rekening houdend met de plaatsverbeteringslijst. Het is aan de marktmeester om te beoordelen welke aanvraag het beste past binnen het bestaande aanbod van de markt. De standplaats wordt achtereenvolgens toegewezen aan:

  • a.

    de vergunninghouder van een vaste standplaats die aan het college schriftelijk de wens te kennen heeft gegeven van standplaats te willen veranderen, in volgorde van plaatsing op de plaatsverbeteringlijst;

  • b.

    degene die zich op de wachtlijst heeft laten inschrijven, in volgorde van inschrijving op deze lijst.

Artikel 16 Overschrijving vastestandplaatsvergunning

In geval van overlijden, blijvende arbeidsongeschiktheid of anderszins stopzetten van de activiteiten van de vergunninghouder kan de vastestandplaatsvergunning worden overgeschreven op de achterblijvende echtgenoot, de geregistreerde partner of een andere achterblijvende persoon met wie hij duurzaam samenwoonde.

Indien de vergunning niet kan worden overgeschreven op grond van het eerste lid, kan een kind van de vergunninghouder de vergunning voor een vaste standplaats krijgen indien hij ten minste drie jaar in loondienst van het marktbedrijf van de vergunninghouder heeft gewerkt of gedurende eenzelfde periode als mede-eigenaar in dit bedrijf heeft gefunctioneerd.

Indien de vergunning niet kan worden overgeschreven op grond van het eerste of het tweede lid, kan een vennoot/mede-eigenaar van de vergunninghouder de vergunning voor een vaste standplaats krijgen indien hij ten minste drie jaar als vennoot/mede-eigenaar van het marktbedrijf geregistreerd staat en ook als zodanig werkzaam is geweest.

Overschrijving volgens het bovenstaande leden is niet mogelijk als degene die de overschrijving heeft aangevraagd al een vastestandplaatsvergunning op de weekmarkt te Horst heeft.

Een aanvraag tot overschrijving wordt ingediend binnen twee maanden na het overlijden van de vergunninghouder, nadat de blijvende arbeidsongeschiktheid is vastgesteld of nadat het college een schriftelijke verklaring van vergunninghouder inzake het stopzetten van de vergunninghouder heeft ontvangen.

Het college is bevoegd in bijzondere omstandigheden af te wijken van het bepaalde in dit artikel.

Artikel 17 Intrekking vastestandplaatsvergunning

1.Het college trekt een vastestandplaatsvergunning in:

  • a.

    op schriftelijk verzoek van de vergunninghouder;

  • b.

    bij overlijden van de vergunninghouder, tenzij op grond van artikel 16 de vergunning wordt overgeschreven.

Het college kan een vaste standplaatsvergunning al dan niet voorwaardelijk intrekken dan wel voor ten hoogste 4 achtereenvolgende marktdagen schorsen indien de vergunninghouder of een persoon die hem bijstaat:

  • a.

    ter verkrijging daarvan onjuiste dan wel onvolledige gegevens heeft verstrekt;

  • b.

    niet meer voldoet aan de in artikel 8 genoemde vereisten;

  • c.

    het bepaalde bij of krachtens deze verordening of de voorschriften van de vergunning overtreedt;

  • d.

    zich schuldig maakt aan wangedrag of bedrog;

  • e.

    niet of niet tijdig het verschuldigde marktgeld voldoet, dat wordt geheven op grond van artikel 229 van de Gemeentewet.

  • f.

    indien degene op wie een vergunning ingevolge artikel 16 is overgeschreven, reeds vergunning heeft voor een andere vaste standplaats op dezelfde markt, wordt laatstgenoemde vergunning ingetrokken.

  • g.

    indien de vergunninghouder wegens ziekte gedurende twee jaar zijn standplaats niet heeft kunnen innemen.

  • h.

    indien de vergunninghouder minder dan tien maal per kwartaal zijn standplaats heeft ingenomen.

  • i.

    indien de vergunninghouder blijft volharden in het overtreden van de vergunningvoorschriften en/of het bepaalde in de “Marktverordening Horst aan de Maas 2009” en de uitvoeringsbepalingen.

  • j.

    indien de in artikel 22 derde lid genoemde geneeskundige verklaring niet binnen de gestelde termijn aan het college wordt verstrekt.

Artikel 18 Toewijzing dagplaats
  • 1. Toewijzing van een dagplaats geschiedt door toestemming van de marktmeester op het moment dat de standplaats niet als vaste standplaats wordt ingenomen.

  • 2. De dagplaats wordt toegewezen rekening houdend met de branche-indeling. De gegadigden melden zich daarvoor op de dag zelf vóór 08.30 uur bij de marktmeester.

Artikel 19 Toewijzing standwerkerplaats

1.Een gegadigde voor een standwerkerplaats dient uiterlijk om 16.00 uur op de dag, voorafgaand aan de dag waarop de markt wordt gehouden, de wens tot het innemen van een standwerkerplaats aan de marktmeester kenbaar te maken. De marktmeester wijst een standwerkerplaats toe in de volgorde van aanmelding. Een ingeschrevene op de wachtlijst kan niet voor een standwerkerplaats in aanmerking komen zolang deze inschrijving niet definitief is vervallen.

Het aantal uit te geven standwerkerplaatsen bedraagt maximaal 5.

De toewijzing van standwerkplaatsen geschiedt door de marktmeester, per markt, 30 minuten voor de aanvang van de markt.

Als standwerker komen in aanmerking:

  • a.

    een handelingsbekwaam natuurlijk persoon die aantoont dat hij persoonlijk voldoet aan alle publiekrechtelijke verplichtingen op het gebied van bedrijfsuitoefening en bedrijfsorganisatie;

  • b.

    de kooplieden, welke bij voortduring daadwerkelijk als standwerker optreden en maximaal 2 uit 4 weken als standwerker op de markt in Horst aan de Maas optreden.

Een standwerker mag maximaal één artikel aanbieden. Indien hierover onduidelijkheid bestaat ligt de beslissingsbevoegdheid bij de marktmeester.

Wanneer het artikel wat de standwerker aanbiedt, reeds vertegenwoordigd is in een vaste standplaats, mag dezelfde standwerker maximaal één maal per vier weken een standwerkerplaats op de markt innemen.

Indien blijkt dat een standwerker niet bij voortduring als zodanig optreedt, zal hij of zij door de marktmeester worden gewaarschuwd. Deze waarschuwing zal schriftelijk worden bevestigd. Bij herhaling kan de marktmeester bepalen dat betrokkene voor de duur van ten hoogste zes maanden niet meer voor een standwerkerplaats in aanmerking komt.

Bij herhaling van de overtreding, nadat de standwerker al eerder voor zes maanden voor een standwerkerplaats is uitgesloten, kan het college bepalen dat de betrokkene voor de duur van ten hoogste twee jaren niet meer in aanmerking komt voor een standwerkerplaats.

De marktmeester bepaalt of een standwerker daadwerkelijk als zodanig optreedt.

Het is verboden bij het standwerken gebruik te maken van prijskaarten en meet- en weegwerktuigen.

De standwerker dient de aan hem toegewezen standplaats persoonlijk in te nemen. Hij mag zich niet doen bijstaan mits hiervoor vooraf door de marktmeester toestemming is verleend.

De frontbreedte van de standwerkerplaats is maximaal 3 meter.

Hoofdstuk 3 Bepalingen over het gebruik van de standplaats

Artikel 20 Persoonlijk innemen standplaats; bijstand
  • 1. De vergunninghouder neemt de standplaats die hem is toegewezen persoonlijk in. Hij mag de standplaats niet aan een ander afstaan of in gebruik geven.

  • 2. De vergunninghouder mag zich op de standplaats doen bijstaan.

  • 3. De vergunninghouder en degene die hem bijstaat mogen zich niet schuldig maken aan wangedrag of bedrog.

Artikel 21 Aantal keren innemen vaste standplaats

De vergunninghouder van een vaste standplaats neemt ten minste eenmaal per twee weken en tienmaal per dertien weken zijn standplaats op de markt in, dit met inachtneming van het bepaalde in de artikelen 22 en 23.

Artikel 22 Afwezigheid wegens ziekte, vakantie of bijzondere omstandigheden
  • 1. De vergunninghouder van een vaste standplaats die wegens ziekte, vakantie of bijzondere omstandigheden verhinderd is zijn vaste standplaats in te nemen, deelt dit schriftelijk mee aan het college. Bij vakantie geeft de vergunninghouder aan hoe lang zijn afwezigheid duurt.

  • 2. De schriftelijke mededeling wordt tijdig voor de desbetreffende marktdag gedaan. Plotselinge verhindering wordt mondeling of telefonisch aan de marktmeester gemeld.

  • 3. Bij langdurige afwezigheid wegens ziekte overlegt de vergunninghouder als bewijs van ziekte iedere drie maanden een geneeskundige verklaring aan het college, tenzij het college hiervan ontheffing heeft verleend.

  • 4. De in lid 3 genoemde geneeskundige verklaring dient te worden afgegeven door de GGD. De kosten voor deze geneeskundige verklaring zijn voor rekening van de vergunninghouder.

Artikel 23 Ontheffing en vervanging
  • 1. In geval van ziekte, vakantie of bijzondere omstandigheden kan het college op aanvraag van de vergunninghouder van een vaste standplaats hem tijdelijk ontheffing verlenen van de verplichting om ten minste eenmaal per twee weken en tienmaal per dertien weken de standplaats op de markt in te nemen.

  • 2. Het college kan op aanvraag van de vergunninghouder hem vergunning verlenen zich op zijn standplaats te laten vervangen door een met name genoemde persoon.

Artikel 24 Legitimatie en identiteit vergunninghouder

1.Degene die een standplaats op de markt inneemt of wenst in te nemen, dient op eerste aanvraag van de marktmeester aan te tonen dat hij de vergunninghouder is.

De vergunninghouder dient bij zijn standplaats duidelijk zichtbaar zijn naam en eventuele bedrijfsnaam aan te geven.

Artikel 25 Tijdstip innemen standplaats/aan- en afvoer goederen
  • 1. Het is verboden voor vergunninghouders op de markt meer dan twee uur voor aanvang en meer dan twee uur na afloop van de markt met een voertuig, goederen of anderszins ruimte in te nemen of goederen aan of af te voeren.

  • 2. De vergunninghouder is verplicht zijn standplaats tot de sluitingstijd van de markt te blijven innemen. Het college kan hiervan ontheffing verlenen.

  • 3. Indien de vergunninghouder zijn vaste standplaats niet uiterlijk om 08.30 uur heeft ingenomen, wordt de desbetreffende standplaats voor die dag als dagplaats aangemerkt, tenzij de marktmeester de standplaats op tijdig verzoek van de vergunninghouder voor hem beschikbaar houdt.

  • 4. Na 09.00 uur mogen géén voertuigen meer op de markt aanwezig zijn, zonder toestemming van de marktmeester.

Artikel 26 Plaatsen marktkramen

Het is verboden om zonder toestemming van de marktmeester kramen op de markt te plaatsen.

Artikel 27 Jaarmarkt

1.Het college beslist over de dag, het tijdstip, de duur en de plaats waarop de jaarmarkt wordt gehouden.

Personen die geen vergunning hebben voor de reguliere markt, maar deel willen nemen aan de jaarmarkt, dienen een schriftelijk verzoek bij het college in te dienen voor een plaats op de jaarmarkt.

De in deze verordening opgenomen bepalingen zijn tevens van toepassing met uitzondering van de artikelen 3 en 21.

Hoofstuk 4 Straf-, overgangs- en slotbepalingen

Artikel 28 Strafbepaling

Overtreding van het bepaalde bij of krachtens deze verordening wordt gestraft met een geldboete van de tweede categorie of hechtenis van ten hoogste drie maanden en kan bovendien worden gestraft met openbaarmaking van de rechterlijke uitspraak.

Artikel 29 Intrekking en schorsing vastestandplaatsvergunning

Onverminderd artikel 15 kan het college een vergunning voor een vaste standplaats, al dan niet voorwaardelijk, intrekken dan wel telkens voor ten hoogste vier achtereenvolgende marktdagen schorsen, indien de vergunninghouder of een persoon die hem bijstaat:

a.het bepaalde bij of krachtens deze verordening of de voorschriften van de vergunning overtreedt;

zich schuldig maakt aan wangedrag of bedrog; of

niet of niet tijdig het verschuldigde marktgeld voldoet, dat wordt geheven op grond van artikel 229 van de Gemeentewet.

Artikel 30 Uitsluiting dagplaatshouder of standwerker

Het college kan een vergunninghouder van een dagplaats of een standwerkerplaats van de toewijzing van een dagplaats of een standwerkerplaats uitsluiten voor ten hoogste zes maanden, indien deze:

  • a.

    het bepaalde bij of krachtens deze verordening overtreedt;

  • b.

    zich schuldig maakt aan wangedrag of bedrog;

  • c.

    niet als standwerker actief is op een hem toegewezen standwerkerplaats;

  • d.

    niet of niet tijdig het verschuldigde marktgeld voldoet, dat wordt geheven op grond van artikel 229 van de Gemeentewet.

Indien sprake is van een overtreding bij herhaling kan het college betreffende vergunninghouder van een dagplaats of een standwerkerplaats van de toewijzing van een dagplaats of een standwerkerplaats uitsluiten voor ten hoogste één jaar.

Artikel 31 Onmiddellijke verwijdering

Onverminderd het bepaalde in artikel 125 van de Gemeentewet kan het college een vergunninghouder gelasten zich onmiddellijk van de markt te verwijderen indien hij:

  • a.

    het bepaalde bij of krachtens deze verordening of de voorschriften van de vergunning overtreedt;

  • b.

    zich op de markt schuldig maakt aan wangedrag of bedrog;

  • c.

    niet als standwerker actief is op een hem toegewezen standwerkerplaats.

Artikel 32 Toezichthouder

Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze verordening zijn belast de

marktmeester en de bij besluit van het college aangewezen personen.

Artikel 33 Intrekking oude regeling

De Marktverordeningen van de gemeenten Horst aan de Maas, vastgesteld op 12 mei 2009 en in werking getreden op 18 juli 2009, en Sevenum, vastgesteld op11 december 2006 en werking getreden op 1 januari 2007, worden ingetrokken.

Artikel 34 Overgangsbepalingen

De bestaande wachtlijsten wordt geacht wachtlijst in de zin van deze verordening te zijn.

Indien voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening een aanvraag om vergunning op grond van de vigerende marktverordeningen Horst aan de Maas en Sevenum is ingediend en voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening niet definitief op de aanvraag is beslist, wordt daarop deze verordening toegepast.

Artikel 35 Inwerkingtreding

Deze verordening treedt in werking op de achtste dag na die van de bekendmaking ervan.

Artikel 36 Citeertitel

Deze verordening wordt aangehaald als: Marktverordening Horst aan de Maas.

Ondertekening

Aldus vastgesteld in de raadsvergadering van 5 juli 2011.
De raad voornoemd,
De voorzitter, De griffier,
ir. C.H.C. van Rooij, mr. R.J.M. Poels,