Besluit van de gemeenteraad van de gemeente Den Helder, houdende de lijst met gevallen waarin verplichte participatie door de initiatiefnemer geldt bij een aanvraag om omgevingsvergunning

Geldend van 01-01-2024 t/m heden

Intitulé

Besluit van de gemeenteraad van de gemeente Den Helder, houdende de lijst met gevallen waarin verplichte participatie door de initiatiefnemer geldt bij een aanvraag om omgevingsvergunning

De raad van de gemeente Den Helder;

gelezen het raadsvoorstel van het college van burgemeester en wethouders van Den Helder van 26 oktober 2021,

kennis genomen hebbende van de voorbereidende commissievergadering Raadscommissie Stadsontwikkeling en Beheer op 17 november 2021.

besluit:

1. De lijst met gevallen waarin verplichte participatie door de initiatiefnemer geldt bij een aanvraag om omgevingsvergunning vast te stellen.

2. De onder beslispunt 1 genoemde lijst in werking te laten treden met ingang van de dag waarop de Omgevingswet in werking treedt.

3. De werking van de lijst van gevallen een jaar na inwerkingtreding van de Omgevingswet te evalueren.

Aldus besloten in de raadsvergadering van 29 november 2021

voorzitter

J.A. de Boer MSc.

griffier

mr. drs. M. Huisman

Lijst met gevallen waarin verplichte participatie door de initiatiefnemer geldt bij een aanvraag om omgevingsvergunning

Er is sprake van verplichte participatie door de initiatiefnemer als indieningsvereiste bij het aanvragen van een omgevingsvergunning, zoals bedoeld onder artikel 5.21 lid 2b Omgevingswet, wanneer het initiatief valt binnen één van de volgende gevallen:

  • 1.1

    De bouw van meer dan 10 wooneenheden. Indien het project gelegen is buiten de bebouwde kom en het om niet grondgebonden woningen gaat geldt dit ook voor minder dan 10 wooneenheden.

  • 1.2

    De aanleg van een zonnepark met bijbehorende voorzieningen, voor zover niet overeenstemming met gemeentelijk beleid, zoals vastgelegd in de Nota Zonneparken 2015.

  • 1.3

    De functiewijziging van onbebouwde gronden/terreinen, indien tevens extra bebouwing wordt toegevoegd.

  • 1.4

    De toevoeging van een niet-agrarische functie aan een bestaand agrarisch bedrijf, tenzij deze ondergeschikt aan en ter ondersteuning van de agrarische hoofdfunctie is.

  • 1.5

    De overschrijding van een bestaand bouwvlak ten behoeve van een goede stedenbouwkundige inpassing van het nieuwe hoofdgebouw in de omgeving, indien:

    • -

      de overschrijding buiten de bestemming Wonen valt;

    • -

      de overschrijding in totaal meer dan 150 vierkante meter bedraagt;

    • -

      het project binnen de bebouwde kom is gelegen.

  • 1.6

    De gevallen, zoals genoemd onder 1 tot en met 5, kunnen gecombineerd worden toegepast.

Ondertekening